Om de wachttijden voor casemanagement dementie transparant en goed vergelijkbaar te maken voor cliënten en verzekeraars is sinds 1 december 2018 de regeling ‘transparantie zorgaanbieders casemanagement dementie’ van kracht. De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) heeft bureau HHM de opdracht gegeven om deze regeling te evalueren.
Uit de evaluatie moet blijken:
Of het doel van de regeling wordt bereikt;
Wat de ervaringen van aanbieders zijn;
Of de gegevens die nu beschikbaar worden gesteld door Vektis de gewenste transparantie opleveren over wachttijden en wachtlijsten voor zorgverzekeraars en de overheid.
De regeling verplicht aanbieders om maandelijks eenduidige wachtlijstcijfers op te leveren en op de website te publiceren. Volgens deze regel staat iemand op de wachtlijst wanneer hij of zij langer dan zes weken moet wachten op toegang tot casemanagement dementie.
De resultaten van het onderzoek zijn naar verwachting eind maart 2020 bekend.
In opdracht van de samenwerkende gemeenten in de regio Rotterdam Rijnmond deed Bureau HHM onderzoek naar de tarieven van producten van Veilig Thuis Rotterdam Rijnmond (VTRR). Met de uitkomsten van het onderzoek is de basis gelegd voor het verstevigen van de samenwerking tussen de gemeenten en VTRR.
Sinds 2018 is VTRR een zelfstandige stichting die in opdracht van de gemeenten in de regio Rotterdam Rijnmond werkt. VTRR werkt volgens het nieuwe landelijke Handelingsprotocol en de aangescherpte Meldcode. De afgelopen periode had VTRR onder meer te maken met personeelstekorten, werkachterstanden en financiële krapte.
De gemeenten en VTRR besloten daarom een onderzoek te laten uitvoeren naar de tarieven van producten van VTRR. Daarbij is de wens uitgesproken met elkaar op constructieve wijze te komen tot een set producten en tarieven, passend bij de regionale situatie en de beoogde ontwikkelingen.
Bureau HHM bracht de dienstverlening van VTRR in kaart. Op basis daarvan stelden wij een advies op voor de tarieven. Dit is advies werd gedragen door VTRR en is overgenomen door de samenwerkende gemeenten. Op basis van adviestarieven van bureau HHM is vervolgens de begroting opgesteld van VTRR.
Positionering casemanagement tijdelijk huisverbod
Aanvullend deden wij onderzoek naar de positionering van het casemanagement tijdelijk huisverbod. Daaruit blijkt dat het logisch is om het casemanagement tijdelijk huisverbod blijvend te laten uitvoeren door VTRR.
Op basis van de uitkomsten van het onderzoek kunnen de gemeenten en VTRR werken aan een toekomstbestendige samenwerking. De dienstverlening kan worden doorontwikkeld zonder dat er twijfel of onrust bestaat over belangrijke randvoorwaarden zoals de tarieven.
Om er als gemeente voor te kunnen zorgen dat de juiste ondersteuning en voorzieningen beschikbaar zijn voor cliënten binnen het Beschermd Wonen (BW) en de Maatschappelijke Opvang (MO) ontwikkelde bureau HHM een doelgroepindeling. Cliënten zijn veel meer dan hun diagnose. Die diagnose zegt dan ook lang niet alles over de zorgvraag. Onze doelgroepindeling BW & MO gaat daarom uit van de zorg- en ondersteuningsbehoefte. De indeling is inmiddels in twee centrumgemeenten getoetst en blijkt een goed hulpmiddel voor de ontwikkeling van passende zorg- en ondersteuning.
Samen met gemeente Nijmegen is de doelgroepindeling gebruikt bij het in kaart brengen van aantallen cliënten binnen de verschillende doelgroepen. Dit kon de gemeente vervolgens gebruiken bij het meer gericht inkopen van BW & MO om beter aan te sluiten bij de behoefte van de cliënten. Bij de andere gemeente hebben wij interviews gehouden met cliënten uit de verschillende doelgroepen om aan de wethouders het verhaal van een verscheidenheid van cliënten te vertellen. Dit bood de gemeente zicht op wie de cliënten in BW & MO zijn en wat hun persoonlijke verhaal is. In beide gemeenten hebben we ervaren dat deze indeling werkt. Deze indeling vangt de verscheidenheid aan ondersteuningsbehoeften, zonder al te gedetailleerd en daardoor onbruikbaar te zijn.
Omdat wij hebben ervaren dat deze indeling werkt, delen we deze graag. Deze doelgroepindeling voor BW en MO gaat uit van de ondersteuningsbehoefte van mensen. Deze indeling kan voor verschillende doeleinden gebruikt worden. Zo kan het een handig hulpmiddel zijn om een overzicht te krijgen van welke cliënten er in BW en MO verblijven, om hier vervolgens passend aanbod voor te ontwikkelen. Laat bijvoorbeeld de toegang alle nieuwe cliënten indelen in één van de doelgroepen, om zo een beeld te krijgen van de aantallen cliënten in verschillende groepen.
Hoe kijkt u naar deze indeling? Wilt u reageren of heeft u aanscherpingen? Mogelijk kent u nog andere indelingen waar wij of andere gemeenten nog iets aan kunnen hebben. Neem dan contact op met Eline Lubbes .
Meer lezen?
Platform 31 heeft ons gevraagd om te ondersteunen bij het opstellen van drie publicaties voor het programma Weer thuis – Wonen:
1. Publicatie Woonbehoeften
2. Publicatie Woonvormen
3. Factsheet Wonen en de wijk
De publicaties moeten gemeenten, corporaties en zorgorganisaties handvatten bieden om te komen tot een passend palet aan woonvormen en wijkarrangementen voor mensen met een psychiatrische aandoening.
Bent u hierin geďnteresseerd? Laat het ons weten. Wij stellen graag u op de hoogte zodra de eerste publicatie online staat.
Het ministerie van VWS, de VNG en ZN hebben een onderzoek uitgezet om de zorg en ondersteuning aan mensen met een ernstig psychiatrische aandoening (EPA) in de wijk te verbeteren. Bureau HHM voert dit onderzoek uit aan de hand van een inventarisatie van methodieken (F-ACT en vergelijkbare vormen), knelpunten en oplossingen. Doel van dit onderzoek is, dat gemeenten, zorgverzekeraars en zorgaanbieders met de uitkomsten samen tot acties komen om de inzet van geďntegreerde ambulante behandeling en begeleiding van mensen met EPA waar nodig te versterken.
U kunt op twee manieren deelnemen aan dit onderzoek. Allereerst door het invullen van deze vragenlijst
Regio Noord, maandag 13 januari van 14:00 tot 16:30 uur in het stadhuis van Assen; Noordersingel 33
Regio Midden, dinsdag 14 januari van 9:30 tot 12:00 uur in het gemeentehuis van Utrecht; Stadsplateau 1
Regio Zuid, donderdag 16 januari van 9:30 tot 12:00 uur in het wijkcentrum Titus Brandsma in Nijmegen; Tweede Oude Heselaan 386
Tijdens deze bijeenkomsten bespreken we met zorgaanbieders, gemeenten, zorgverzekeraars en cliëntvertegenwoordigers de resultaten van de vragenlijst en interviews. Daarbij zijn we erg benieuwd naar uw ervaringen, uw visie en de praktische uitvoering om geïntegreerde zorg en ondersteuning aan mensen met EPA te leveren.
Om de aanmeldingen en vragenlijsten goed te kunnen verwerken vragen we om u uiterlijk 6 januari 2020 aan te melden en/of de vragenlijst in te vullen.
Heeft u vragen? Dan kunt u contact opnemen met bureau HHM via onderzoek@hhm.nl of telefoon 053 433 0548 (vraag naar Nelleke Dijk of Eline Lubbes).
Een goede samenwerking begint vanuit een stevige basis. De inhoud is belangrijk, maar zonder een passende vorm en strategie kom je samen niet verder. Deze poster helpt samenwerkingsverbanden op weg. Kijk bijvoorbeeld welke vorm van besturen het beste past of test jezelf: hoe goed werken jullie samen? De uitkomsten kunnen een verrassend goed gesprek opleveren.
Bij een baan in de zorg krijg je tegenwoordig een nieuwe fiets, een leaseauto of zelfs een huurcontract. Zorgorganisaties doen er alles aan om personeel aan te trekken. Maar de concurrentie is groot. Voor tien nieuwe collega’s, vertrekken er ook weer tien. Wij geloven in een andere aanpak.
Begin 2018 hield bureau HHM een peiling onder zorgaanbieders in de ouderenzorg, GGZ en gehandicaptenzorg. Een jaar later onderzochten we in samenwerking met TNO in tien sectoren binnen zorg en welzijn de oorzaken, gevolgen en oplossingsrichtingen rondom arbeidsmarktproblematiek. De resultaten van dit onderzoek zijn vandaag gepubliceerd op de website van het onderzoeksprogramma Arbeidsmarkt Zorg en Welzijn.
Dit jaar bestaat bureau HHM 40 jaar. Onze missie is al 40 jaar betere zorg en ondersteuning voor kwetsbare mensen. Ook in het kader van ons jubileum dragen we hieraan graag bij. We doen dit met onze HHM Weg van de Waan-dagen. Deze dagen staat in het teken van ontmoeten, verbinden en kennisdelen. Samen met opdrachtgevers willen we een maatschappelijk probleem in de zorg oplossen of op zijn minst richting geven aan de oplossing. Aan iets wat ons allen raakt.
We houden drie Weg van de Waan-dagen, met elke dag een ander thema.
14 november – Sneller de juiste hulp bij complexe jeugdhulpcasussen
Elke gemeente wordt geconfronteerd met een beperkt aantal casussen die inhoudelijk complex zijn, waarbij steeds zwaardere en intensievere jeugdhulp wordt ingezet, die naar verhouding veel geld kosten en waarbij – veelal als sluitstuk – ook jeugdbescherming wordt ingeschakeld. We hebben het deze dag over de vraag hoe deze spiraal kan worden doorbroken en wat dit betekent voor de werkwijze van alle betrokkenen.
28 november – De medewerker centraal
Alle zorgorganisaties spreken over ‘de cliënt centraal’. Het is interessant om het motto ‘de cliënt centraal’ te spiegelen richting medewerkers: Kennen we ze echt? Weten we hun behoefte? En hoe voorzien we daarin? Doen we dat aanbodgericht of vraaggericht? En is er ruimte voor individueel maatwerk? Want net zoals ‘dé cliënt’, bestaat ook ‘dé medewerker’ niet. “Ieder mens wil gezien en gehoord worden. Tevredenheid bij medewerkers komt ten goede aan de cliënt en andersom”, aldus Judith Kippers van bureau HHM. Zou het zo zijn dat als we de medewerker centraal zetten de cliënt als vanzelf volgt? En de medewerker dan ook binnen deze organisatie wil blijven werken? Zo ja, hoe doen we dit dan?
12 december – Maatschappelijke ondersteuning van mensen met psychiatrische problemen
Komende jaren wordt een flinke verschuiving doorgevoerd in de ondersteuning van mensen met langdurige en ernstige psychiatrische problematiek. Alle gemeenten krijgen te maken met de breed gedragen keuze om aan een inclusieve samenleving te werken. Dit vraagt om integrale ambulante ondersteuning, waarbij nieuwe combinaties nodig zijn van wonen, ondersteuning, schuldhulp, behandeling, welzijn, etc. Hoe kunnen partijen deze verantwoordelijkheid oppakken? Welke aangrijpingspunten voor veranderingen zijn effectief? Hoe doorbreken we de traditionele schotten tussen de domeinen? Deze dag verkennen we de mogelijkheden en zoeken we de kansen voor daadwerkelijke transformatie in het sociaal domein.
Meedenken?
Wil je graag meedenken tijdens een van deze drie dagen? Informeer dan vrijblijvend of er nog plek is via info@wegvandewaan.nl. Wij zijn jarig en trakteren: daarom zijn er geen kosten aan de dag(en) verbonden.
Het ministerie van VWS geeft met een groot aantal maatschappelijke partners invulling aan het programma Eén tegen Eenzaamheid. Met het actieprogramma Eén tegen eenzaamheid wil de overheid de trend van eenzaamheid onder ouderen in Nederland doorbreken. Het ministerie van VWS wil het programma tijdens de looptijd ervan (drie jaar) permanent laten evalueren, om er tussentijds van te kunnen leren. Bureau HHM voert deze evaluatie uit.
Het programma voorziet in:
Een landelijke coalitie: hierin zitten organisaties, instellingen en bedrijven met een gezamenlijke ambitie, afkomstig uit diverse sectoren, die vanuit hun corebusiness willen bijdragen aan de trendbreuk van eenzaamheid.
Lokale coalities: hierin zitten partijen (publiek en privaat) die met bestuurlijk commitment van de gemeente, samen invulling geven aan concrete plannen om met de bewoners eenzaamheid te doorbreken.
Een groep adviseurs, gecoördineerd en toegerust vanuit VWS, dat gemeenten en lokale coalities ondersteunt en kennis verspreidt.
Een wetenschappelijke adviescommissie: deze commissie voedt de landelijke en lokale coalities van het actieprogramma met kennis en inzicht over eenzaamheid en adviseert over het monitoren van de effectiviteit van het programma.
We spreken met vertegenwoordigers uit deze vier lagen van het programma, om zicht te krijgen op de ervaringen van betrokkenen met de aanpak.
In veel gemeenten zien we een groeiend aantal inwoners een beroep doen op een of meerdere Wmo-voorzieningen. Vaak gaan we er vanuit dat die groei te wijten is aan sociaal demografische ontwikkelingen zoals vergrijzing. Uit het onderzoek – dat wij dit voorjaar deden voor de gemeenten Haarlem en Zandvoort – blijkt echter dat de groeiende vraag maar voor een deel te verklaren is door sociaal demografische ontwikkelingen. Sleutelfactoren zijn de toegang, contractering en inrichting van voorzieningen. Inzicht in de (toekomstige) Wmo-vraag biedt gemeenten kans om ervoor te zorgen dat er voldoende passende voorzieningen en (financiële) middelen zijn om inwoners goed te helpen.
Als je als gemeente zicht hebt op de vraagontwikkeling kun je tijdig zorgen voor een passend voorzieningenniveau. Lennart Homan: “Nu zien we het nog te vaak gebeuren dat mensen te lang moeten wachten en er geen passende hulp is waardoor de kans dat de zorg complexer wordt toeneemt. Ook zie je dat de kans op escalatie groter wordt en dat de omgeving overlast ervaart.”
Bureau HHM helpt gemeenten inzicht te krijgen in:
Cliëntkenmerken
Vindbaarheid Wmo
Aard/omvang van de vraag
Beleidsmatige ontwikkelingen (zowel landelijk, regionaal als lokaal)
Aard/omvang ondersteuningsaanbod
Eigen regie/sociaal netwerk
Met dit inzicht kan een gemeente de regie nemen zodat kwetsbare inwoners tijdig de juiste zorg krijgen. “In Haarlem en Zandvoort zagen we een grote toename in Wmo-aanvragen na de start van wijkteams die outreachend werken. De vindbaarheid en bekendheid van voorzieningen werd groter. Nu willen wij niet zeggen dat je je aanbod zo min mogelijk voor het voetlicht moet brengen. Juist niet. Maar als je meer outreachend gaat werken is het gevolg vaak dat je mensen al in een vroeg stadium probeert te helpen. Je moet er dan wel voor zorgen dat je aanbod hierop is afgestemd. Als je vooral maatwerk hebt ingekocht dan past dit niet bij elkaar. Zorg dan eerst dat er genoeg algemene voorzieningen zijn die mensen goed kunnen helpen in de preventieve sfeer.”
Vanaf 2021 verdwijnt de functie ‘centrumgemeente voor Beschermd Wonen’. Dan zijn alle gemeenten zelfstandig verantwoordelijk voor de ondersteuning (zo nodig met 24-uurs verblijf) van mensen met psychiatrische problemen en/of licht verstandelijke beperkingen. Wat betekent dit voor de toegankelijkheid van beschermd wonen, wat wordt de grootste uitdaging voor lokale gemeenten en hoe kunnen zij het beste samenwerken met andere partijen? Nico Dam, Senior adviseur bij bureau HHM, geeft in eenartikel op Sociaalweb antwoord op drie belangrijke vragen.
Op donderdag 31 oktober geeft Nico Dam samen met collega Sylvia Schutte de workshop Beschermd wonen en beschermd thuis – voor gemeenten. Tijdens de cursus laten zij zien dat een ‘Pact-aanpak’ kan helpen deze opgaven succesvol te organiseren!
Mondige, veeleisende familieleden van cliënten, hoe voer je daarmee een gesprek? Hoe ga je om met weerstand? En hoe breng je conflicterende belangen bij elkaar? Op deze vragen is onze training ‘Grip op het gesprek’ het antwoord.
In de zorg vinden we het belangrijk dat de cliënt centraal staat. We leren professionals om de wensen, behoeften en voorkeuren van cliënten serieus te nemen. Een goede zaak, vooral voor de kwaliteit van leven van cliënten! Maar zoals altijd is er ook een keerzijde: het belang van de organisatie, mede ingegeven door de financiële kaders. Deze twee kanten van de medaille komen vaak bij elkaar in het werk van cliëntconsulenten, klantadviseurs en/of zorgbemiddelaars. Zij moeten in gesprekken met cliënten en hun familie toewerken naar een ‘zakelijk resultaat’. Bijvoorbeeld een akkoord op een zorgovereenkomst of over oplevering van het appartement. Dit levert, mede door de emoties van familieleden, regelmatig lastige situaties op. Soms voelen klantadviseurs zich geďntimideerd.
De training kent de volgende onderdelen:
Bewustwording eigen handelen: Als je sterker naar buiten wilt treden, is het goed om eerst naar binnen te kijken. Hoe doe ik het eigenlijk, wat is mijn stijl (sturend, volgend, gidsend), wat vind ik lastig en waarom?
Bewustzijn over hoe je je boodschap kunt brengen: De basis voor een goed gesprek ligt in het aanvoelen van en aansluiten bij de ander. Door elementen uit verschillende methodieken (onder andere motiverende gespreksvoering) leren klantadviseurs flexibeler opereren en kunnen ze weerstand ombuigen.
Praktijksimulatie: Tijd om intensief te oefenen met situaties uit de praktijk! Bijvoorbeeld via rollenspellen met eigen casuïstiek. Samen oefenen heeft meerwaarde zodat klantadviseurs elkaar ook in de dagelijkse praktijk als hulpbron en als spiegel gaan gebruiken.
Intervisie: Na de training bieden we een intervisiemoment aan om de ervaringen te delen en nogmaals te oefenen met praktijksituaties.
Zo bereiken klantadviseurs sneller het gewenste resultaat voor de organisatie, terwijl ze tegelijk recht doen aan zichzelf én aan de klant.
Meer informatie?
Neem contact op met een van onze trainers: Louise Pansierof Chantal IJlandvoor meer informatie over de training, t. 053 433 05 48.
Bureau HHM breidt uit. Met ingang van 1 september zijn vier nieuwe adviseurs aangetrokken: Annika van de Belt, Ellen Geuzebroek, Annelies Hartmans en Frank Terpstra. Binnenkort staan hun profielen op de website bij Ons team.
Op 1 september heeft Sanja Bouman haar functie neergelegd als directeur van bureau HHM. Haar taken zijn overgenomen door Annelies Hartmans. Bureau HHM bedankt Sanja voor haar inzet de afgelopen jaren en wenst haar veel succes in haar nieuwe baan als manager kenniscentrum bij Trajectum.
Consulenten, wijkteammedewerkers, intakefunctionarissen, klantadviseurs, onafhankelijk cliëntondersteuners. Zij hebben te maken met mensen die een hulpvraag uiten. En die hulpvraag moet worden beoordeeld: kun je hiervoor een beroep doen op de gemeente of moet je aankloppen bij de zorgverzekeraar of het CIZ? Ook in het beleid moet de juiste afbakening worden gemaakt. En tegelijk moet je op de raakvlakken verbinding zoeken.
Met vier zorgwetten: Wmo, Jeugdwet, Zvw en Wlz is dat ingewikkeld. Omdat op veel regels uitzonderingen bestaan. Daarom is het belangrijk om te snappen hoe de zorgwetten zich tot elkaar verhouden.
Als je weet hoe het zit dan:
Krijg je cliënten sneller op de juiste plek
Ben je niet meer gefrustreerd over afwijzingen van het CIZ
Heb je meer begrip van de keten en wie je daarin nodig hebt
Bureau HHM geeft trainingen op maat over de zorgwetten. Afhankelijk van het gewenste kennisniveau van de deelnemers bieden we een overzicht op hoofdlijnen of gaan we de diepte in. Het over een wet gaan of alle vier de wetten. In de training brengen we veel theorie en zorgen daarbij voor een koppeling met de praktijk van de deelnemers. net interactieve oefeningen en gebruik van eigen casuďstiek. Dat is de kracht van onze trainingen: de vier wettelijke kaders in samenhang bekeken, met de praktijk voor ogen.
Dit is een artikel uit het onlangs verschenen HHM Magazine.
Tijdens de Dag van Zorg en Veiligheid op 17 juni in ‘s-Hertogenbosch verzorgde bureau HHM samen met de gemeente Leeuwarden en Nijmegen een workshop over AVE. Daar vond ook de primeur plaats van de AVE-animatiefilm.
In de film wordt helder uitgelegd wat AVE is en hoe de aanpak te gebruiken is voor de inrichting van de lokale structuur en daarbij de verbinding tussen de zorg- en veiligheidsketen. Wie heeft de casusregie en wie heeft de procesregie en hoe is de opschaling geregeld?
AVE maakt een uniforme aanpak van sociale incidenten bij complexe problematiek mogelijk. Het is een duidelijke structuur waarin betrokken organisaties en gemeenten helderheid krijgen over wie doet wat en wie heeft de regie. Al in meer dan veertig gemeente toegepast. Wij helpen gemeenten en zorgorganisaties om invulling te geven aan AVE. Wij zorgen dat het werkt, trainen de werkwijze en oefenen met betrokkenen.
Mieke Looman: “AVE is een middel om de zorg- en veiligheidsketen goed op elkaar af te stemmen.
Samenwerken en afstemmen zijn sleutelbegrippen bij het voeren van regie bij complexe casuďstiek. Hierbij hoort het elkaar informeren en delen van informatie. Maar hoe doe je dat? En hoe ga je om met de privacy? Een lastig vraagstuk dat vraagt om concrete handvatten in de uitvoering.”
Hoeveel physician assistants (PA’s) en verpleegkundig specialisten (VS’en) zijn in de toekomst nodig? Dat wil het Capaciteitsorgaan graag weten om eind dit jaar het ministerie van VWS en veldpartijen te kunnen adviseren over de benodigde opleidingscapaciteit voor deze beroepsgroepen. Daarom roept het Capaciteitsorgaan op tot het invullen van een digitale enquęte waarmee het antwoord probeert te krijgen op deze vraag.
Uit de praktijk blijkt dat in de verschillende zorgsettings (MSZ, huisartsenzorg, wijkzorg, ELV, verpleeghuiszorg, revalidatiecentra en gehandicaptenzorg) grote verschillen zijn in de omvang en inzet van PA’s en VS’en. Ook de instroom in de opleidingen verschilt per beroepsgroep. Met de uitkomsten van de enquęte wil het Capaciteitsorgaan weten waardoor deze verschillen zijn ontstaan en wat de toekomstverwachtingen zijn. Zijn de verschillen vooral te verklaren aan de hand van veranderingen in beleid en bekostiging of ligt het aan het aantal betrokkenen bij het besluitvormingsproces over het aannemen en opleiden van PA’s en VS’en? Om een goed advies uit te kunnen brengen zijn dat o.a. vragen waar het Capaciteitsorgaan graag antwoord op. Alleen dan kan een goed onderbouwd advies worden gegeven zodat nu en in de toekomst voldoende opleidingsplaatsen zijn.
Bent u werkzaam in een van de genoemde zorgsettings dan kunt u een belangrijke bijdrage leveren aan het toekomstbestendig maken van twee beroepsgroepen door de enquęte in te vullen. De verwachting is dat het invullen maximaal 15 minuten kost.
Wachttijden in de GGZ verkorten? De oplossing is vaak erg down to earth: analyseer in je regio op welke complexe patiëntgroep je de grootste uitdaging ervaart en zet vervolgens een praktische, op specifieke casussen gerichte, samenwerking op. Zo simpel als dit klinkt, zo weerbarstig is de praktijk. Lees er meer over in het blog De ggz-regio bestaat niet van onze collega Sylvia Schutte samen met Emile Petiet van Arteria.
Wij krijgen vaak complexe en uitdagende opdrachten. Daar werken wij met passie en enthousiasme aan. Ons werk moet effect hebben op cliënten. Want het gaat ons om kwalitatief betere zorg voor de cliënt. Dat is onze drijfveer. Daar doen wij het voor.
Hoe werkt dat bij bureau HHM? Ik zal u een paar voorbeelden geven van onderzoeken op landelijk niveau. Daarmee leveren we een inhoudelijke bijdrage aan de wet- en regelgeving.
Zo heeft bureau HHM op basis van een uitgebreid onderzoek naar de kenmerken van cliënten en hun zorgbehoefte in alle sectoren voor de AWBZ zorgzwaartepakketten (ZZP’s) ontwikkeld. Dit vormt nog steeds de basis van het huidige bekostigingssysteem met zorgprofielen voor de Wet langdurige zorg (Wlz).
Met deze systematiek is het mogelijk om de financiële middelen op basis van zorgzwaarte te verdelen binnen zorgorganisaties en daarvoor zorg te leveren die past bij de behoefte van de cliënt. Ik herinner me nog goed dat een ambtenaar van het ministerie van VWS bij de eerste landelijke registratie van ZZP’s in 2017 zei: “Wat fijn dat we nu veel duidelijker hebben over welke mensen we het hebben.”
Omdat ondertussen de visie op cliënten en de zorgbehoefte is veranderd hebben we voor de gehandicaptenzorg enkele zorgprofielen inhoudelijk en financieel geactualiseerd. Hiermee hebben we voor mensen met een ernstige meervoudige beperking helder gemaakt wat het extra kost om te zorgen dat zij zich individueel nog verder kunnen ontwikkelen.
Ook voor de geestelijke gezondheidszorg hebben we zorgprofielen ontwikkeld. Die worden vanaf 2021 voor de Wlz gehanteerd. Om er zeker van te zijn dat deze zorgprofielen in de praktijk werken hebben we de conceptversie landelijk getoetst onder een grote groep zorgorganisaties. Dit leverde het resultaat op dat het profiel passend is bij 97% van de 1.245 cliënten uit het onderzoek. Een bevestiging dat de zorgprofielen een goede weergave zijn van de verschillen in zorgzwaarte tussen cliënten.
Mensen met een combinatie van een psychische stoornis en verstandelijke beperking vallen niet langer tussen wal en schip. Zij krijgen zorg en behandeling op maat.
Jongeren met een licht verstandelijke beperking en een tijdelijke verblijfsbehoefte werden door de hervorming van de langdurige zorg vanaf 2015 van het kastje naar de muur gestuurd. Met als gevolg dat ze niet de juiste zorg kregen. Wij hebben de kenmerken en zorgvragen van deze groep jongeren landelijk in beeld gebracht. Op basis van dit onderzoek is sinds 2017 structureel €60 miljoen toegevoegd aan de Wmo. Gemeenten kunnen met dat geld tijdelijk verblijfszorg organiseren voor ouders met een verstandelijke beperking of voor jongvolwassenen met een verstandelijke beperking en moeilijk verstaanbaar gedrag.
In onze adviestrajecten bieden we gemeenten en zorgorganisaties inzicht in de zorgvraag van hun burgers. Gemeenten kunnen vervolgens beleid maken en zorg inkopen, passend bij de vraag van hun burgers. Voor zorgorganisaties biedt dit inzicht in het vastgoed en personeel dat nodig is voor het opzetten van een buurtvoorziening waar ouderen tijdelijk kunnen verblijven om hun mantelzorgers te ontlasten.
Samen de zorg echt veranderen. Zorg voorkomen, verplaatsen en vervangen. Dat is de essentie van het ZonMw-programma ‘Juiste Zorg Op de Juiste Plek’ (JZOJP). JZOJP is een onderdeel van het VWS-programma De Juiste Zorg op de Juiste Plek. Vanuit dit programma zijn nu subsidievouchers beschikbaar die u onder andere kunt gebruiken voor de inzet van onze Zorgmarktverkenner.
Wij helpen u met de subsidieaanvraag en met het vaststellen van het regiobeeld. Hiermee wordt de opgave waar uw regio voor staat inzichtelijk. Op basis van een data-gedreven analyse naar de ontwikkeling van kwetsbare inwoners in de regio brengen we onder andere in kaart hoeveel personeel er in de toekomst nodig is om de zorg te blijven bieden zoals deze nu geboden wordt. Met deze kennis kunt u vervolgens samen de stap zetten naar toekomstbestendige zorg.
De Zorgmarktverkenner bevat een analyse naar:
Cliënten
Prognose van het aantal zorgbehoevende mensen. Wij brengen de mensen in kaart waar uw samenwerking op gefocust is. Denk bijvoorbeeld aan kwetsbare ouderen, mensen met een handicap of mensen met psychiatrische problematiek.
Woonbehoefte
Inzicht in de woonbehoefte van de zorgbehoevende mensen; met specifieke aandacht voor ontwikkelingen van intramurale naar extramurale zorg.
Personeel
Prognose van het aantal benodigde en potentiële werknemers. Hoe groot is de kloof tussen deze twee en hoe kunt u hierop inspelen?
Zorglandschap
Quickscan van de partijen die in uw regio aanwezig zijn en aanbevelingen met betrekking tot samenwerking.
Ook over tien jaar moet er nog voldoende zorg en ondersteuning beschikbaar zijn voor kwetsbare mensen. Demografische ontwikkeling noodzaken tot herbezinning: het aantal ouderen groeit en het aandeel kwetsbare ouderen daarbinnen ook. De ontwikkelingen in de GGZ verschuiven de ondersteuningsvraag naar het gemeentelijke sociaal domein, terwijl de budgetten niet meegroeien.
De grootste uitdaging die hier nu ligt voor gemeenten is om consistente keuzes te maken in het sociaal domein. Contractering (inkoop, aanbesteding) is vaak een eigenstandig proces, waarbij de procedures strak uitgelijnd zijn en heldere deadlines kennen. De keuze voor een wijze van bekostiging daarbinnen komt dan als vanzelf naar boven. De techniek van de contractering lijkt min of meer automatisch tot bekostiging te leiden.
Dat is jammer, want wij zien regelmatig dat de bestuurlijke visie dan uit het oog verloren wordt. De middelen die je kiest moeten namelijk passen bij de visie. Kies je voor een relatie met aanbieders op basis van vertrouwen, dan hoort daar een vorm van bekostiging bij die dat vertrouwen versterkt, niet een die van wantrouwen uitgaat.
Zo kregen we opdracht van een regio die had besloten met ‘Open House’ te gaan werken, op basis van lege raamovereenkomsten. Toen de uitgaven fors bleken te stijgen, was de reflex dat de tarieven te hoog waren vastgesteld. Ons onderzoek toonde aan dat die tarieven wel degelijk zorgvuldig en dus reëel waren opgebouwd. Maar: de regio had weinig aandacht besteed aan de ontwikkeling van de ‘toegang’. Daarmee was de sturing op de beoogde ontwikkeling bij het ‘Open House’ model niet goed ontwikkeld.
De grote uitdaging voor gemeenten is het maken van keuzes: hoe wil je het lokale stelsel van zorg en ondersteuning veranderen. Wat zijn de aangrijpingspunten en welke rol geef ik de maatschappelijke partners? Als de contractering en de wijze van bekostigen geen verband houden met de bovenliggende visie op de verandering in het sociaal domein, verandert er in de praktijk weinig.
Veel gemeenten willen de innovatie stimuleren door de aanbieders niet meer op concrete producten, maar op resultaten bij inwoners te bekostigen. Daarmee wordt ruimte gecreëerd zodat aanbieders nieuwe oplossingen kunnen bedenken en in de praktijk invoeren. Maar als je weinig tijd beschikbaar stelt aan het contractmanagement en niet oprecht geďnteresseerd bent in de manier waarop aanbieders die ruimte invullen, loop je de kans dat achteraf het resultaatsbudget gewoon naar de klassieke producten is vertaald.
Wij proberen in onze opdrachten zoveel mogelijk bekostigingsvraagstukken naar een hoger niveau te tillen. Wat wordt er nu echt gevraagd en waarom? Past de vraag bij de toekomstvisie van de gemeente? Welke ambities zijn leidend voor de veranderingen in de praktijk? Hoe kunnen contractering en bekostiging daaraan bijdragen? Het is mooi om te merken dat onze opdrachtgevers zich ontvankelijk tonen voor deze complexe vraagstukken. Bewustzijn is immers het begin van elke verandering.
In een regio hielpen we mee om tot nieuwe, geďntegreerde (Wmo & Jeugdhulp) overeenkomsten te komen met de regionale aanbieders. Daarbij ontstond ruimte om bij de dure, gespecialiseerde vormen van jeugdhulp na te denken over de verbinding van de inhoudelijke transformatie-ambities van de gemeenten met de bedrijfsvoeringsrisico’s van de aanbieders. Dit heeft geleid tot nieuwe, intensieve vormen van overleg tussen vergelijkbare aanbieders en gemeenten. Met als belangrijkste doel dat inhoudelijke veranderingen worden gerealiseerd en dat aanbieders de tijd krijgen om hun interne organisatie daarop aan te passen.
Ook vanuit het perspectief van contractering en bekostiging zijn er veel mogelijkheden om de noodzakelijke veranderingen in het sociaal domein te realiseren. Die veranderingen zijn noodzakelijk om de komende jaren de ondersteuning van kwetsbare mensen betaalbaar en daarmee beschikbaar te houden.
Wij puzzelen graag met u mee.
Dit is een artikel uit het onlangs verschenen HHM Magazine.
Als relatie van bureau HHM bent u van harte welkom op het minicongres Grip op het sociaal domein. Dit minicongres wordt georganiseerd door SDO Support, Bureau HHM en Pool Management & Organisatie.
De maatschappelijke opgaven in het sociaal domein (Nico Dam of Albertus Laan, partner bureau HHM)
De juiste stuurinformatie op tijd beschikbaar (Patrick Boon, projectleider SDO Support)
Succesvol management van ambtelijke en politieke processen (Hermien Dannenberg, interimmanager Pool Management & Organisatie)
Discussie
Afsluiting met hapje en drankje
Informatie & inspiratie SDO Support, Bureau HHM en Pool Management & Organisatie bieden u een middag vol informatie en inspiratie waarin wij vanuit onze heldere visie ervaringen met u delen en waarbij u ook zelf actief aan de slag gaat. Het doel is om u te prikkelen een beetje anders naar uw rol te kijken en kennis over te dragen die u direct kunt toepassen in de praktijk.
Deelname
Op donderdag 27 juni 2019 bent u vanaf 12.15 uur welkom in Hotel Belmont te Ede. Het congres start om 13.00 uur en we sluiten om 17.00 uur af met een drankje. Voor uw deelname vragen we een bijdrage in de kosten van € 50,- exclusief btw.
De afgelopen decennia vond een sterke specialisatie plaats in de zorg. Samenwerking tussen zorgaanbieders wordt daardoor steeds belangrijker.
Met de decentralisatie van zorgtaken naar gemeenten, wordt de noodzaak tot samenwerking in het sociaal domein ook urgenter. Gemeenten moeten samenwerken met zorgaanbieders. Zorgaanbieders moeten onderling samenwerken. En hoewel niemand tegen samenwerking is, blijkt de praktijk weerbarstig.
Bij samenwerking spelen, net als in elke relatie, misverstanden, veranderende verwachtingen en tegenstrijdige belangen een rol. Organisaties hebben verschillende mogelijkheden om hier mee om te gaan. Contracten en werkafspraken zijn veelgebruikte instrumenten. Hiermee worden posities expliciet gemaakt, waardoor misverstanden kunnen worden voorkomen. Maar de praktijk laat zich niet vangen in contracten en werkafspraken.
Een gemeente wil dat verschillende organisaties voor jeugd- en jongerenwerk gaan samenwerken en legt dit vast in een uitvoeringovereenkomst. Hoewel alle partijen de overeenkomst ondertekenen, verloopt de samenwerking moeizaam. De visie van de gemeente wordt omarmd, maar verschillen in werkstijlen leiden tot diverse incidenten.
Ook vertrouwen is een essentieel instrument bij samenwerking. Het creëert openheid, stimuleert gezamenlijke activiteiten, vermindert controledrang en helpt bij oplossen van conflicten. Vertrouwen, vooral doen, zo lijkt het. Maar is de ander te vertrouwen? Is samenwerken soms niet een kwestie van ‘sleeping with the enemy’? Ofwel: hoe kunnen organisaties bouwen aan vertrouwen?
De levenscyclus van een samenwerking heeft drie stadia. Het eerste stadium is de mate van bekendheid met elkaar. Soms zijn organisaties bij de start vreemden voor elkaar, terwijl andere organisaties elkaar al goed kennen. Vertrouwen wordt dan als het ware geďmporteerd vanuit een eerdere ervaring. Het hebben van een gemeenschappelijk verleden speelt dus een sleutelrol. Als dit er niet is, vraagt het scheppen van een basis voor vertrouwen een extra investering. Het tweede stadium is het sluiten van contracten en het maken van werkafspraken, waarbij informele afspraken worden geformaliseerd. Het vastleggen hiervan verschaft simpelweg helderheid.
Bij het uitwerken van een regionale crisisroute voor jongeren is een groot aantal partijen betrokken, waaronder zorgaanbieders met GGZ-expertise en met LVB-expertise. Beiden groepen aanbieders moeten onderling werkafspraken maken over hun beschikbaarheid bij crisissituaties. Omdat de zorgaanbieders met GGZ-expertise een historie van samenwerking hebben, komen zij snel tot werkafspraken. De zorgaanbieders met LVB-expertise hebben dit verleden in mindere mate. Zij hebben meerdere sessies nodig om tot werkafspraken te komen.
Openheid markeert het derde stadium van samenwerking. Het creëren van een omgeving waarin alles gezegd kan worden, op het juiste moment, met de juiste nauwkeurigheid, is de lakmoesproef voor samenwerking. Dit vraagt aandacht en zorgvuldigheid, vooral in het begin. De basis voor het initiële vertrouwen moet immers uitgebouwd worden. Als dit niet goed gaat, ontstaat een ‘neerwaarts effect’: de samenwerking verloopt steeds moeizamer, of stagneert zelfs. Als dit wel goed gaat, is juist sprake van een ‘opwaarts effect’: de samenwerking levert steeds meer op en het bereiken van resultaten gaat steeds makkelijker.
Wijkteams moeten samenwerken met tal van organisaties. De afgelopen jaren hebben zij veel ervaring opgedaan met elkaar. Partijen weten elkaar steeds beter weten te vinden, waarbij de samenwerking zelf ook steeds meer onderwerp van gesprek wordt, wat een impuls is voor de kwaliteit ervan.
Samen bouwen aan vertrouwen? Vooral een kwestie van doen!
Albertus promoveerde aan de Universiteit Twente op de vraag hoe opdrachtgevers en opdrachtnemers tot vertrouwensvolle samenwerking kunnen komen.
Deze column staat in het onlangs verschenen HHM Magazine.
“Jij en ik kunnen morgen psychiatrisch patiënt worden en dan wil je ook zo normaal mogelijk meedoen in de maatschappij.” Het antwoord van Nico Dam, op de vraag of de beweging die nu binnen beschermd wonen wordt gemaakt past bij de wens van de cliënt. Een raak antwoord dat direct het tijdsbeeld schetst van meedoen, participeren en zorg dichtbij huis.
Nico Dam: “In beschermd wonen kom je eigenlijk alle uitdagingen tegen die je maar kunt bedenken als het gaat om de transformatie in het sociaal domein. De problematiek van mensen is complex en domein overstijgend. Het raakt verschillende beleidsterreinen en er zijn meerdere gemeentelijke afdelingen bij betrokken waaronder: Wmo, wonen en sociale zaken. Daarin zit ook een grote uitdaging, alleen al binnen de gemeenten. Van oorsprong hebben die afdelingen een andere manier van kijken. Zo zijn de mensen van de afdeling wonen vaak gewend om te kijken naar de infrastructuur en gebouwen in plaats van naar de mensen die er wonen. En de mensen van de sociale dienst kijken vaak vanuit de grenzen die wet- en regelgeving stelt en minder vanuit de bijdrage die regelingen kunnen leveren aan de oplossing van problematiek en het vergroten van de zelfstandigheid van mensen. Als het gaat om beschermd wonen dan is verbinding tussen die verschillende afdelingen, kennis van de doelgroep en een gedeelde visie van essentieel belang. En dan ben je er nog niet. Dit moet je samen met je ketenpartners (zorgaanbieders, woningcorporaties, welzijn, geneeskundige zorg) čn de wijk doen. Want het maatschappelijk draagvlak is ook een van de sleutelfactoren voor een succesvolle (waar mogelijk ambulante) inrichting van beschermd wonen.”
De juiste zorg op de juiste plek. De Zorgmarktverkenner is het vertrekpunt voor een stevige positionering van uw zorgorganisatie afgestemd op de wensen en behoeften van cliënten. Organisaties die hier gebruik van willen maken kunnen hiervoor vanaf 3 juni via ZonMW subsidie aanvragen.
De Zorgmarktverkenner voorziet u van de feiten en het inzicht waarmee u focus kunt aanbrengen en helpt u bij het uitzetten van de route naar de stip op de horizon waar u naar toe wilt. Het helpt u bij het maken van een gedeeld regionaal beeld van de sociale situatie, de gezondheidssituatie en de behoeften in uw regio.
De zorgmarktverkenner helpt u bij het verkrijgen van zicht op:
Het aantal mensen dat nu en in de toekomst gebruikmaakt van zorg- en ondersteuning en hun behoeften.
De kwalificaties en competenties van zorgmedewerkers en de mogelijkheden voor samenwerking met andere organisaties.
Demografische, sociaalmaatschappelijke en beleidsmatige ontwikkelen en toont hiervan de consequenties voor het benodigde zorgvastgoed en de woonbehoefte van uw (toekomstige) cliënten.
Welke zorgaanbieders er in uw regio actief zijn, welke zorgproducten worden geleverd en wat uw marktaandeel is.
Gebruikmaken van de Zorgmarktverkenner en de ZonMW-subsidiemogelijkheden?
Wij kunnen u daarbij helpen. Onze Zorgmarktverkenners Lennart Homan, Eline Lubbes en Patrick Jansen vertellen u graag meer, T. 053 433 05 48.
Wat zijn oorzaken van de lange wachttijden voor mensen met autisme, persoonlijkheidsstoornissen, trauma of LVB met ggz-problemen? En waar zitten handvatten voor oplossingen? In opdracht van de landelijke stuurgroep wachttijden onderzocht bureau HHM waarom juist deze groepen lang moeten wachten. In het rapport Specifieke cliëntgroepen in de aanpak wachttijden ggzgeeft bureau HHM inzage.
Binnen alle cliëntgroepen geldt dat de zwaardere subgroepen de meeste hinder ervaren van wachttijden. Enkele redenen hiervan zijn: bij deze groepen is vaak sprake van comorditeit waardoor heen-en-weer verwijzingen ontstaan, terwijl juist deze groep gebaat is bij een meer integrale aanpak, met behoud van specialistische kennis. Ook wordt deze groep het meest getroffen door de braindrain vanuit de instellingen omdat hiermee specialistische expertise en capaciteit verloren gaan. Bij de lichtere groepen speelt vaker gebrek aan overzicht. In het rapport wordt hier verder op ingegaan.
Het rapport bevat oplossingsrichtingen en verbetermogelijkheden om de wachttijden bij specifieke clientgroepen aan te pakken. Één van de oplossingen is betere triage bij de huisarts.
Eind dit jaar bestaat bureau HHM 40 jaar. In dit jubileum-magazine laten we onze opdrachtgevers en relaties zien wat we allemaal deden en (gaan) doen. Het magazine staat vol met voorbeelden waarin HHM’ers laten zien hoe zij werken.
In opdracht van het Onderzoeksprogramma AZW (Arbeidsmarkt Zorg en Welzijn)* voeren TNO en bureau HHM een verdiepend onderzoek uit in de sectoren zorg en welzijn. Vakbonden en werkgevers (de eigenaren van het AZW programma) kunnen de resultaten van het onderzoek gebruiken in o.a. de cao onderhandelingen en onderlinge dialoog. Daarvoor hebben ze behoefte aan meer actuele informatie uit de praktijk.
Om te zorgen dat de ervaringen uit de praktijk goed naar voren komen zijn we op zoek naar mensen uit de praktijk – zoals verpleegkundigen, pedagogisch medewerkers of verzorgenden, HR-medewerkers en leden van de OR – die tijdens veldarena’s met ons mee willen praten over:
toekomstige personeelsbehoefte
kwalitatieve mismatch bij de werving van personeel
krimp in banen bij een deel van de organisatie
toename in werkdruk en agressie
technologie als oplossing voor deze problemen
Bij de veldarena’s werken we met diverse interactieve werkvormen, zodat je op verschillende manieren jouw ervaringen kunt delen met anderen. Een unieke kans om te horen hoe het er bij een ander aan toe gaat.
Interessante discussies en positieve geluiden na de eerste twee bijeenkomsten:
“Ik heb nieuwe ideeën opgedaan”
“Mooie opzet en structuur met verschillende elementen”
“Leuk om mensen van andere organisaties te spreken, moeten we vaker doen”
“Veel gehoord over andere organisaties”
“Het heeft me geboeid tot het einde”
Jouw ervaringen delen en meepraten over de arbeidsmarktproblematiek in jouw branche?
Alle bijeenkomsten vinden plaats in Utrecht, reiskosten worden vergoed. Na aanmelding ontvang je verdere informatie over de bijeenkomst.
Meld je aan en praat mee over de arbeidsproblematiek in jouw branche!
*Opdrachtgevers voor het onderzoeksprogramma AZW zijn het ministerie van VWS en de arbeidsmarktfondsen in zorg en welzijn waarin o.a. de volgende partijen vertegenwoordigd zijn: FNV, CNV Zorg en Welzijn, NU’91, FBZ, NVvPO, NVDA, ActiZ, Zorgthuisnl, LHV, InEen, Sociaal Werk Nederland, Jeugdzorg Nederland, Branche organisatie Kinderopvang, GGZ Nederland, NFU en VGN.
Bureau HHM doet al jaren onderzoek voor zorgaanbieders naar verschillende onderwerpen, zoals vastgoed, personeel en de toekomstige zorgvraag. Elke vraag is uniek, maar er zijn thema’s die blijven terugkomen. Er is altijd de onderliggende vraag die bijna alle zorgorganisaties bezighoudt: Hoe organiseer ik voor mijn organisatie en mijn cliënten de juiste zorg op de juiste plek en het juiste moment.
Wij hebben al onze kennis gebundeld in de Zorgmarktverkenner, een unieke aanpak op maat.
De Zorgmarktverkenner voorziet u van de feiten en het inzicht die u nodig heeft om de focus aan te brengen. Focus met betrekking tot de positie die u wilt innemen met uw organisatie en hoe u zich kunt onderscheiden.
De Zorgmarktverkenner legt daarbij de verbanden met wat dit betekent voor uw omgeving en de wijze waarop u wilt samenwerken.
En misschien wel het allerbelangrijkste, de Zorgmarktverkenner helpt u bij het uitzetten van de route naar de stip op de horizon waar u naar toe wilt.
U leest hier alles over op de website van de Zorgmarktverkenner.
In de voorbereiding op de nieuwe aanbesteding wil een gemeente een risicoanalyse laten uitvoeren op de voorstellen die vanuit een regionale inkoopanalyse zijn gedaan.
Daarbij wil de gemeente een scherpere koers uitzetten met een betere balans tussen inhoudelijke transformatie en financiële beheersing.
Wij zoeken een gedreven en enthousiaste (aankomend) senior organisatieadviseur, met een groeiend netwerk in de zorg, die ervaring heeft met het realiseren van blijvende verbeteringen in de (langdurige) zorg. Vanuit kennis en visie en ook met kwaliteiten als actieve netwerker en communicator, verbinder, zakelijkheid en commercieel inzicht, is de adviseur die wij zoeken in staat om nieuwe typen opdrachten te genereren en uit te voeren. Met name voor de sectoren VVT, GZ, GGZ en/of Jeugdzorg weet de nieuwe adviseur een sterk businessplan te maken dat snel rendeert, met mooie opdrachten voor zichzelf, en ook voor collega adviseurs.
Krijg jij mensen in beweging? En kun je snel schakelen tussen beleid en uitvoering? Dan ben jij misschien wel degene die ons team komt versterken!
De werving en selectie voor deze vacature verloopt loopt via K+V.
Wij verzorgen voor een Gelderse gemeente een interactieve ‘kennissessie sociaal domein’ voor beleidsmedewerkers in het sociaal domein, programmamanagers en andere functionarissen die zich bezighouden met strategie en beleid.
Doel van de kennissessie is om meer gevoel te krijgen bij de rol en positie die de gemeente in kan nemen als een betrouwbare en volwaardige gesprekspartner voor inwoners, zorgaanbieders, vastgoedeigenaren en welzijnsorganisaties. Maar ook om flexibel in te kunnen springen op verandering in vraag, wet- en regelgeving en financiering van zorg en ondersteuning. Zodat coalities kunnen worden gevormd met genoemde partijen om samen slimme oplossingen te realiseren op het gebied van wonen, zorg en welzijn.
Een centrumgemeente wil in het begin van 2019 zicht krijgen op de ontwikkeling van de aanvragen voor Wmo-ondersteuning. Dit omdat de wachttijden oplopen en het aantal inwoners dat langer dan de wettelijke termijn moet wachten toeneemt. De gemeente heeft zelf onderzoek gedaan naar de geconstateerde problematiek en hier verbeteracties op uit gezet.
Om in de toekomst te voorkomen dat een dergelijke situatie zich wederom voordoet wil de gemeente een inhoudelijke analyse van de verwachte ontwikkeling van het aantal meldingen voor Wmo-ondersteuning. Daarbij hebben zij bureau HHM gevraagd voor ondersteuning bij het in kaart brengen van de (mogelijke) externe oorzaken van de toename van het aantal meldingen in de toekomst en de effecten hiervan.
Arbeidsmarktontwikkelingen beďnvloeden de match tussen de vraag en het aanbod van arbeid in de sector Zorg en Welzijn. Het doel van dit onderzoek is om meer inzicht te krijgen in de oorzaken en gevolgen van krimp van organisaties, de kwalitatieve mismatch, werkdruk, agressie, en de mogelijkheden die technologie en domotica bieden voor problemen met werkdruk, agressie en de inzet van personeel. Wij organiseren voor 10 branches in zorg en welzijn een veldarena. Daarin gaan we hiervoor met werkgevers en werknemers op zoek naar oorzaken, relevante factoren en oplossingsrichtingen.
We begeleiden een afdelingscoördinator van twee verpleeghuisafdelingen naar meer ruimte in het hoofd en in de agenda.
We starten met een analyse door aantal dagen mee te kijken en samen een actieplan op te stellen hoe de werkzaamheden anders en slimmer kunnen worden georganiseerd. Doel is dat op de korte en langere termijn de afdeling weer op orde komt. Daarna blijven we een aantal maanden betrokken om de afdelingscoördinator te coachen in het uitvoeren van het actieplan zodat ze grip op haar werk houdt en de juiste prioriteiten worden gesteld op locatie.
Een centrumgemeente en de zorgaanbieders willen het aanbod van beschermd wonen beter laten aansluiten op de vraag van cliënten, zodat zij zo passend mogelijk wonen en ondersteund worden. Daarom ontwikkelden we eerder een modulair pakket voor beschermd wonen met de onderdelen ‘wonen’, ‘persoonlijke/individuele begeleiding’ en ‘daginvulling en dagstructuur’. Hier gaan we nu samen met de lokale partijen een bekostigingsmodel van maken. In een aantal werksessies werken we de modules inhoudelijk verder uit en bepalen we de kostprijzen die bij de verschillende modules horen.
De Haagse zorgaanbieder HWW Zorg heeft de afgelopen jaren sterk ingezet op het verbeteren van de kwaliteit. Een aantal thema’s verdienen de komende tijd nog aandacht. Evelien biedt tijdelijke ondersteuning in de functie van kwaliteitsadviseur en draagt zo bij aan het verbeteren van de kwaliteit van zorg.
Het gaat om de volgende werkzaamheden:
Verbeteren medicatieveiligheid en methodisch werken
Uitvoeren en uitwerken van interne audits
Aanpassen/inkorten/ontdubbelen van het kwaliteitshandboek
Evaluatie van het (werken met het) Elektronisch Cliëntendossier en het werken met het classificatiesysteem
Het gaat dus om het werken aan een toekomstbestendig kwaliteitssysteem en tegelijkertijd om het signaleren en oppakken van acute problemen in het hier en nu. Evelien kent de ouderenzorg goed en heeft in de afgelopen periode diverse kwaliteitsscans uitgevoerd.
Als adviseurs komen wij op veel verschillende plekken en binnen veel verschillende organisaties. Regelmatig delen we een opvallende, grappige, inspirerende belevenis met u in de rubriek: HHM'ertje.
Aan tafel
Op een zomerse dag zet ik mijn dochter van elf maanden in de kinderstoel op ons terras om samen een hapje te eten. Wij kijken uit op een terras van een verpleegafdeling voor mensen met dementie. Daar is het ook etenstijd. Een deel van de bewoners kan dit nog zelf, een ander deel heeft hier hulp bij nodig. Net als mijn dochter. Het doet mij beseffen hoe zeer die eerste en laatste levensfase op elkaar kunnen lijken. En vooral hoe belangrijk het is dat er voor deze mensen naast professionele zorg ook aandacht en warmte is.
Bureau HHM ontwikkelde een methode die specifiek in kaart brengt hoeveel zorgwoningen, huur of koop, in de toekomst nodig zijn om te kunnen voldoen aan de behoeften van kwetsbare inwoners. Door dit te vergelijken met het huidige aanbod van zorggeschikte woningen ontstaat een duidelijk beeld van de lokale woonopgave.
Deze methode maakt gebruik van gemeente-specifieke data over onder andere de woonzorgbehoefte en het woningaanbod op wijkniveau. Met behulp van onze analyse-tools vertalen we deze data naar informatie die u nodig heeft om antwoord te krijgen op vragen zoals:
Hoeveel appartementen voor mensen met dementie heeft onze gemeente in 2028 nodig?
Hoeveel rolstoeltoegankelijke woningen in welke prijsklasse hebben we in 2028 nodig?
Naar welke wijken kunnen mensen die voorheen in het Beschermd Wonen verbleven het beste uitstromen?
Hoeveel woningen, van welk type en in welke prijsklasse, heeft onze gemeente nodig om jongeren tot 23 jaar met een hulpvraag te huisvesten?
Welke voorzieningen moet onze gemeente in de nabijheid van een complex waar zorgbehoevende ouderen wonen realiseren, zodat zij daar passend kunnen wonen?
Bent u op zoek naar antwoorden op dit soort vragen? Lennart Homan vertelt u graag hoe bureau HHM kan helpen.
Bureau HHM en KPMG Health hebben met interesse kennisgenomen van de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep (CRvB) in de zaken tegen de gemeenten Nijkerk en Bodegraven Reeuwijk over normtijden voor huishoudelijke hulp onder de Wmo 2015.
Hoewel de bureaus geen partij zijn in de zaak werd het onderzoek dat de bureaus eerder gezamenlijk voor gemeenten en in het bijzonder de gemeente Utrecht hebben uitgevoerd in twijfel getrokken. In de zaak die de CRvB behandelde gaat het om de vraag of het toegekende aantal uren hulp bij het huishouden gebaseerd is op onafhankelijk en deugdelijk onderzoek naar de tijd die nodig is voor het schoonhouden van een huis. De Raad concludeert dat het onderzoek van bureau HHM en KPMG naar de onderbouwing van de normtijden voor huishoudelijke hulp deugdelijk is.
Arjan Ogink van KPMG is überhaupt blij dat er nu een zienswijze is van de CRvB. ‘Vernieuwing van de Wmo 2015 vraagt om het bewandelen van nieuwe wegen. In het uitgevoerde onderzoek heeft het belang van burgers en het belangrijke werk van professionals net zo centraal gestaan als de zoektocht naar vernieuwing. Het is goed dat er een systeem is waarbij er bijstelling kan volgen uit rechterlijke toetsing. Na de uitspraak in 2016 hebben diverse gemeenten gericht aanpassingen gemaakt en normeringen bijgesteld. Aanpassingen die zijn gemaakt waren nog niet eerder op deze wijze getoetst’. Ogink doelt ondermeer op de onderzoeken waarbij bureau HHM en KPMG adviseerden in een norm vanuit onafhankelijk en objectief onderzoek en latere uitvoeringsvarianten die zijn beschreven. Maar ook het ontwikkeltraject: Wmo 2015 in uitvoering: Passend en onderbouwd (lokaal) beleid voor hulp bij het huishouden dat gemeenten gezamenlijk hebben doorlopen.
Nico Dam, bureau HHM: ‘Het is voor de betrokken gemeenten niet de gewenste uitslag, tegelijk laat het zien hoe belangrijk het is dat gemeenten zorgvuldig beoordelen of het eigen beleid past bij het beleid van de gemeente waar bureau HHM en KPMG het onderzoek hebben uitgevoerd. Nu de Centrale Raad heeft vastgesteld dat het toegepast bedrijfskundig onderzoek naar de onderbouwing van de normtijden voor huishoudelijke hulp onafhankelijk en objectief is, kan het wel breder door gemeenten worden toegepast. Naast een uitgewerkt samenspel van beleid en onderbouwing is het belangrijk om kennis te nemen van de verdere inhoud van deze uitspraak van de CRvB, net als de uitspraak van 8 oktober, want dit kan ook consequenties hebben voor de wijze waarop gemeenten hun beleid inrichten als het gaat om deze en andere Wmo-voorzieningen.’
Als adviseurs komen wij op veel verschillende plekken en binnen veel verschillende organisaties. Regelmatig delen we een opvallende, grappige, inspirerende belevenis met u in de rubriek: HHM'ertje.
Privacy op het toilet
In een woonzorgcentrum loop ik mee met de verpleegkundige. Ik maak een kwaliteitsfoto van de locatie om sterke punten en leerpunten te benoemen. We arriveren bij een bewoner die op het toilet zit en hulp nodig heeft. De verpleegkundige vertelt dat ze vandaag iemand heeft meegenomen. Ik heb geen idee in hoeverre de man op het toilet op zijn privacy gesteld is. Discreet blijf ik om de hoek van de badkamer staan tot de verpleegkundige me heeft geïntroduceerd. Ze is amper uitgesproken of de man vraagt: “Maar is die mevrouw dan mensenschuw?”
Op vijf woonzorglocaties van Tangenborgh, voerden Chantal IJland en Evelien Rijken een kwaliteitsscan uit. Door observeren, meelopen en interviewen brachten zij in kaart hoe de locaties ervoor staan op de thema’s persoonsgerichte zorg, sturen op kwaliteit en veiligheid en deskundige zorgverlener. Dit leverde per locatie een helder beeld op van wat er goed gaat en welke verbeterpunten er zijn. In vervolggesprekken wordt nu gekeken hoe deze verbeteringen ingezet kunnen worden.
De resultaten uit de kwaliteitsscan bevestigden enerzijds het beeld dat bestond van de locaties anderzijds leverde het verrassende nieuwe inzichten op die de teams kunnen helpen zich verder te ontwikkelen en de kwaliteit te verbeteren.
Multidisciplinair samenwerken was op veel locaties een aandachtspunt, daarom worden de vervolggesprekken multidisciplinair gevoerd.
Evelien: “Het kan enorm helpen als iemand van buiten met een open en frisse blik in gesprek gaat met medewerkers. Vaak komen er dan andere punten naar boven dan wanneer organisaties dit zelf laten doen door bijvoorbeeld een kwaliteitsmedewerker of locatiemanager. De vraagstelling en verhoudingen zijn anders waardoor een open dialoog ontstaat.”
Heeft u ook behoefte aan een frisse blik op uw locaties?
Deze week is het deWeek van reflectie. Een bijzonder samenwerkingsverband van gezondheidszorg, jeugdzorg en opleidingen.
In het hele land zijn inspirerende activiteiten op het gebied van reflectie, ethiek & moreel beraad, en er is aandacht voor morele vragen in de dagelijkse praktijk. Een week lang staat goede zorg centraal. De Week van reflectie is in acht jaar uitgegroeid tot een breed initiatief, waaraan wordt meegewerkt door zorginstellingen, jeugdzorgorganisaties, opleidingen en andere betrokkenen in het hele land.
Reflectie wat is dat eigenlijk? Deze afbeelding vol met tips en handige hulpvragen helpt je daarbij.
Als adviseurs komen wij op veel verschillende plekken en binnen veel verschillende organisaties. Regelmatig delen we een opvallende, grappige, inspirerende belevenis met u in de rubriek: HHM'ertje.
Een hand van de bakker
In mijn vrije tijd bak ik graag taarten. Tijdens tv-programma the great British bake-off doe ik altijd inspiratie op. Als een kandidaat het écht goed gedaan heeft, krijgt hij/zij een handdruk van jurylid en meesterbakker Paul Hollywood, een grote eer. Bij een werksessie over beschermd thuis die ik begeleid, komt mijn opdrachtgever in de pauze naar me toe. Hij schudt mijn hand met de woorden “Hier word ik blij van”. “Wauw”, floep ik eruit. “Net als een hand van de bakker”.
Bureau HHM onderzoekt, adviseert en beweegt. Dat kunnen wij niet alleen. Daarvoor hebben wij de kennis en expertise van mensen uit het veld nodig. Vindt u het leuk om ons daarbij te helpen? Schrijf u dan in voor het HHM onderzoekspanel.
Als lid van het onderzoekspanel krijgt u een uitnodiging als wij uw hulp kunnen gebruiken bij één van onze onderzoeken of projecten. Het kan dan bijvoorbeeld gaan om het invullen van een vragenlijst, het aanleveren van relevante data of een verzoek voor een (telefonisch) interview.
Eerst meer informatie over ons panel en deelname?
Neem dan contact met ons op door te bellen naar 053 433 05 48 of mailen: onderzoek@hhm.nl.
Wij helpen organisaties in de zorg en het sociale domein. Dit doen we door het uitvoeren van onderzoek, samen te werken bij de transformatie en het ontwikkelen van innovatieve oplossingen. In de rubriek HHM deed houden we u maandelijks op de hoogte van onze afgeronde projecten. Als een project leidt tot een openbaar eindrapport, dan kunt u dat direct downloaden.
Meer weten? Neem dan gerust contact op met een van de betrokken adviseurs.
Inventarisatie cliënten beschermd wonen
Voor een gemeente deed bureau HHM in 2017 onderzoek naar het aantal cliënten in Beschermd Wonen (BW). De gemeente vroeg ons dit onderzoek te actualiseren met de gegevens op peildatum 1-1-2018. De uitkomsten van de actualisatie worden gebruikt om de bestuurders van de regiogemeenten te informeren.
We ondersteunden een gemeente bij de implementatie van een nieuw inkoopmodel. Vanaf 1 januari 2018 vraagt dit een andere werkwijze van de medewerkers van de toegang (Centrum voor Jeugd en Gezin), externe verwijzers (zoals de huisartsen) en jeugdhulpaanbieders. Vraagstukken waarop we samen een antwoord zochten zijn:
De werking van het stappenplan in de praktijk van de toegang;
Wat zijn de gevolgen die het nieuwe inkoopmodel heeft voor het gesprek dat door de toegang wordt gevoerd met inwoners en het plan dat hieruit voortkomt;
De inpassing van de pgb-systematiek in het nieuwe inkoopmodel;
De invulling van de monitoring en verantwoording, intern en extern.
Een Overijsselse gemeente vroeg bureau HHM te helpen bij de ontwikkeling van het jeugdbeleid.
Hierbij ging het onder meer over de implementatie van het nieuwe inkoopmodel, de bijdrage van de gemeente aan diverse regionale werkgroepen en de doorontwikkeling van het wijkteam op het gebied van (de toegang tot) jeugdhulp en maatschappelijke ondersteuning.
Daarnaast speelden ontwikkelingen als het versterken van de mogelijkheden voor preventie en het verbeteren van de samenwerking met het onderwijs en de specialistische jeugdhulp aanbieders. Hierbij werd vooral gekeken naar hoe de lokale opgaven zich verhouden tot regionale samenwerking op het gebied van toegang, inkoop en de inrichting van de backoffice.
Een zorgaanbieder ziet zich geconfronteerd met diverse opgaven die van invloed zijn op de toekomstige strategische positionering en profilering en het benodigde vastgoed. Om de strategische koers, met bijzondere aandacht voor de keuzes die worden gevraagd met betrekking tot het benodigde vastgoed, te bepalen vroeg de organisatie bureau HHM een marktverkenning uit te voeren.
We voerden de volgende activiteiten uit, waarbij we bijbehorende vragen beantwoorden:
Gebiedsanalyse
Hoe hangen demografische ontwikkelingen samen met zorgconsumptiecijfers? Welke ontwikkelingen hebben daarin plaatsgevonden? En wat betekent dit voor de toekomst?
Impactanalyse
Wat zijn de effecten van veranderende wet- en regelgeving op vraag en aanbod? Maar ook gaat het om maatschappelijke trends, zoals de behoefte van mensen om zo lang mogelijk thuis te willen blijven wonen. Wat betekent dit voor de benodigde (vastgoed)capaciteit?
Concurrentieanalyse
Wie zijn de belangrijkste concurrenten en hoe profileren zij zich? Waar liggen kansen in de markt en waar is de markt verzadigd? Wat betekent dit voor de marktstrategie?
De uitkomsten zijn met het management team van de zorgaanbieder besproken en worden gebruikt om de strategische koers en de daarbij behorende keuzes op het gebied van productontwikkeling, vastgoed en personeel concreet te maken.
Diepte-interviews met statushouders uit Eritrea en Syrië Een verdieping van de audit klantervaring ‘Zorg voor elkaar Breda’
De gemeente Breda heeft behoefte aan meer zicht op de succes- en faalfactoren van de integratie van Eritrese en Syrische statushouders. Om deze groepen op een passende manier te ondersteunen bij de integratie in Nederland en in het bijzonder in Breda. De gemeente wil daarom weten: Wat zijn de succes- en faalfactoren bij de integratie van Eritrese en Syrische statushouders en welke rol speelt de ondersteuning van het netwerk daarbij?
Bureau HHM onderzocht dit door diepte-interviews te houden met statushouders uit Eritrea en Syrië. Hieruit bleek onder andere:
Succesvol geďntegreerde statushouders::
zijn (zeer) gemotiveerd om te slagen;
zoeken eigen wegen om onze taal te leren;
hebben actief gezocht naar school of werk;
hebben contacten met eveneens goed geïntegreerde landgenoten;
pakken het ondersteuningsaanbod met beide handen aan.
Statushouders die minder goed geďntegreerd zijn:
maken zich afhankelijk van ondersteuningsaanbod;
zijn minder gemotiveerd om zelf actie te ondernemen, bijvoorbeeld richting taal, school of werk en daarmee afwachtend;
ervaren veel last van stress;
gaan vooral om met landgenoten die ook minder geïntegreerd zijn.
Statushouders zijn:
gelukkig met de veiligheid en goede zorg;
dankbaar voor huisvesting en uitkering;
blij met hun buddy als dit een echt ‘maatje’ van ze is geworden;
kritisch over de taallessen;
wisselend in staat zelf regie te voeren.
Eritrese statushouders:
zijn vaak jong en missen positieve druk vanuit familie;
komen uit een rurale, agrarische leefomgeving en zijn laag- of ongeschoold (analfabeet);
missen hier positieve sociale druk vanuit familieverbanden;
Informatiebijeenkomst reële tarieven Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang
Gemeenten moeten een reële kostprijs betalen aan aanbieders van beschermd wonen en maatschappelijke opvang. Zo staat het in de wet. Maar wat is een reële prijs? Hoe bepaal je dat?
De (centrum)gemeenten die verantwoordelijk zijn voor de tarifering van Beschermd Wonen (BW) en Maatschappelijke Opvang zijn sinds 2017 verplicht zich te houden aan de AmvB (Algemene Maatregel van Bestuur) “Reële tarieven Wmo”. De VNG organiseerde twee informatiebijeenkomsten om de (centrum)gemeenten daarover te informeren. Bureau HHM vulde deze bijeenkomsten in en stelde naar aanleiding van deze bijeenkomsten voor de VNG een factsheet op.
Mike Koers: “Aanwezigen gaven aan dat het een waardevolle bijeenkomst was, waarbij gemeenten meer zicht hebben gekregen op de totstandkoming van een reële prijs, welk proces daarvoor nodig is, en ook inzicht in het feit dat gemeenten eerst vooraf een aantal vragen zou moeten beantwoorden voordat een reële prijs kan worden bepaald. Denk daarbij aan vragen als: Hoe wil je het zorglandschap inrichten? Hoe wil je contracteren? Hoe beschrijf je je te contracteren diensten/prestaties? Wat is je (toekomstige) doelgroep? Wat hebben zij nodig (aan ondersteuning/begeleiding en huisvesting)? Welke varianten wil je onderscheiden?”
Patiënten zitten soms onnodig lang in een instelling voor geneeskundige ggz. Ze kunnen niet naar huis omdat de noodzakelijke ambulante zorg of de noodzakelijke vervolgvoorzieningen in het sociaal domein ontbreken. Om te stimuleren dat patiënten op tijd en verantwoord de instelling kunnen verlaten, heeft bureau HHM in opdracht van GGZ Nederland, MIND, VNG en ZN de Werkwijzer medisch noodzakelijk verblijf ggz opgesteld. De Werkwijzer maakt duidelijk welke afspraken in de regio nodig zijn om de overgang van verblijf in een ggz instelling naar ggz zorg thuis te verbeteren.
Pilot praktische methode voor zelfredzaamheid gemeente Westervoort
In de gemeente Westervoort sloten we een periode van drie jaar af waarbij samen een methode is ontwikkeld om breed te kijken naar wat een inwoner met een hulpvraag nu echt nodig heeft. Hiervoor gebruikten we Levenskracht. Dit heeft ervoor gezorgd dat medewerkers binnen het sociaal domein een eenduidige gespreksvoering hanteren die hen helpt om breed te kijken naar iemands hulpvraag.
Nu de pilot is afgerond blijft het team de methode gebruiken. De implementatie is geborgd. Maartje Hanning, bureau HHM: “De winst van de nieuwe manier van gespreksvoering zit in het feit dat de inwoner met Levenskracht zelf praktisch aan de slag gaat om zijn of haar hulpvraag te verduidelijken. Alle levensgebieden komen aan bod waardoor soms verrassende oplossingen op de tafel komen. Bovendien is het dan een oplossing die de inwoner zelf bedacht heeft waardoor de kans van slagen groot is. Bijvoorbeeld: een dochter klopt bij de gemeente aan met de vraag: ‘Mijn moeder heeft dagbesteding nodig hoe organiseer ik dat?’. Na een gesprek met moeder bleek dat zij zich regelmatig eenzaam voelde. Dagbesteding zag zij alleen helemaal niet zitten. Ze hield niet zo van grote groepen en voelde zich daarin vaak juist eenzamer dan wanneer ze alleen thuis was. Daarom werd voor haar een maatje gezocht waarmee ze twee keer in de week koffie drinkt of een leuke activiteit onderneemt.”
Mensen met autisme, persoonlijkheidsstoornissen, trauma en licht verstandelijke beperking (lvb) in combinatie met ggz-problematiek wachten vaak lang op geestelijke gezondheidszorg. In opdracht van de landelijke stuurgroep wachttijden onderzoekt bureau HHM waarom juist deze groepen lang moeten wachten.
Binnen de gehele ggz is sprake van wachttijden. Ondanks gemaakte afspraken en gedane inspanningen, bleek afgelopen voorjaar het terugbrengen van deze wachttijden binnen de geldende Treeknormen niet haalbaar voor juli 2018. Ggz-partijen hebben daarom besloten tot een intensievere aanpak. Een onderdeel van deze aanpak is onderzoek naar knelpunten en oplossingen bij de vier specifieke cliëntgroepen die te maken hebben met extra lange wachttijden.
Sylvia Schutte, bureau HHM: “Een beter begrip van de achtergrond en bredere context van de lange wachttijden voor deze specifieke groepen is nodig om de knelpunten uiteindelijk te kunnen oplossen.”
“We zoeken de verdieping door in een beperkt aantal regio’s te bepalen welke factoren de wachttijden voor de vier cliëntgroepen bepalen en geven een kwalitatieve en kwantitatieve duiding van de knelpunten. Vervolgens bespreken we deze in focusgroepen en expertsessies per cliëntgroep voor verdere toetsing en inhoudelijke verdieping en vertaling naar aanbevelingen, oplossingsrichtingen en goede voorbeelden”, aldus Sylvia over de onderzoeksaanpak.
Als adviseurs komen wij op veel verschillende plekken en binnen veel verschillende organisaties. Regelmatig delen we een opvallende, grappige, inspirerende belevenis met u in de rubriek: HHM'ertje.
Collegialiteit op de vluchtstrook
Pech! Een lekke band op weg naar een opdrachtgever. Ik sta nog geen tien minuten aan de kant van de weg en wil net de ANWB bellen als er een auto stopt. Er stappen twee collega’s uit. Ik ben op weg naar het noorden, zij komen er net vandaan. De ANWB is daarmee overbodig. Collega Erik-Jan stroopt zijn mouwen op, haalt de krik en het ‘thuiskomertje’ uit mijn kofferbak en nog geen kwartier later kunnen we allemaal weer verder. Ik krijg de auto van mijn collega’s aangeboden en zij rijden in mijn auto met het ‘thuiskomertje’ naar kantoor omdat dat dichterbij is dan de opdrachtgever waar ik naar op weg ben.
In het wetsvoorstel ‘Toegang Wlz voor mensen met een psychische stoornis’ staat dat jongeren (18-) met een psychische stoornis niet in aanmerking komen voor toegang tot de Wlz. Voor deze jongeren blijven gemeenten vanuit de Jeugdwet verantwoordelijk voor passende zorg en ondersteuning. Uit consultatiereacties blijkt dat meerdere partijen vinden dat jeugdigen met een psychische stoornis – die voldoen aan de zorginhoudelijke criteria – toegang zouden moeten krijgen tot de Wlz.
Tijdens het Algemeen Overleg met de Tweede Kamer over dit wetsvoorstel (d.d. 5 juli 2018) stelden Kamerleden vragen over het uitsluiten van jeugdigen met een psychische stoornis. De Staatssecretaris heeft toegezegd een expertmeeting te organiseren en de Kamer daarover eind 2018 te informeren.
De expertmeeting moet inzicht geven in aandachtspunten die worden ervaren in de praktijk op het gebied van toegang, beschikbaarheid, samenwerking en financiering. Daarbij komen ook verbeterpunten aan de orde. Bureau HHM begeleidt de expertmeeting.
Patrick Jansen: “Dit is voor ons een mooie opdracht. Vanwege onze brede kennis van de Wlz, Jeugdzorg en GGZ krijgen we de gelegenheid om vanuit de inhoud het goede gesprek te faciliteren. Met vertegenwoordigers van de overheid, gemeenten, cliënten, beroepsgroepen en zorgaanbieders brengen we alle invalshoeken in beeld.”
Meer informatie?
Neem contact op met Patrick Jansen, t. 053 433 05 48.
Als adviseurs komen wij op veel verschillende plekken en binnen veel verschillende organisaties. Wekelijks delen we een opvallende, grappige, inspirerende belevenis met u in de rubriek: HHM'ertje.
Komt tijd komt raad
Voor een Raad van Toezicht die zich wil beraden op de toekomst van de organisatie, maak ik een praatplaat. Het kost even wat breinbrekers om alle perspectieven in één figuur te krijgen. Mijn collega en ik hebben mooie discussies, over toekomstscenario’s die ten gunste komen aan de inwoners én een goede businesscase opleveren. De energie en ideeën bruisen over het whiteboard. Al met al kost het wèl iets meer tijd dan begroot. Vervolgens vragen we de voorzitter om feedback op het concept. Dat is altijd weer een spannend moment. Hij is enthousiast – en gaat direct akkoord. Voor het verwerken van de feedback is ook tijd begroot. We lopen daardoor mooi weer in én kunnen vol energie een heisessie in.
Als adviseurs komen wij op veel verschillende plekken en binnen veel verschillende organisaties. Regelmatig delen we een opvallende, grappige, inspirerende belevenis met u in de rubriek: HHM'ertje.
Kleine kinderen
Op het terras van een zorginstelling voor mensen met dementie zie ik twee mannen zitten. Ze lijken te genieten van het avondzonnetje. Dan komt een medewerksters aanlopen: “Meneer Hendriks, gaat u zo met mij mee… dan gaan we naar bed”. De man kijkt verbaasd op zijn horloge: “Het is pas half acht”. De medewerkster kijkt ook nog een keer op de klok. “Verrek, u heeft gelijk. Sorry, ik heb mij een uur vergist.” Als ze weer binnen is, kijkt meneer Hendriks zijn gezelschap hoofdschuddend aan: “Ze denken hier zeker, dat wij kleine kinderen zijn”.
Sta jij aan de start van je carričre? Ben je geďnteresseerd in de zorg en het sociaal domein en nieuwsgierig naar het advieswerk? Wil je werken op het snijvlak van zorgorganisaties en gemeenten? En alles leren over samenwerkingsvraagstukken?
Wij hebben een uniek en uitdagend talentenprogramma ontwikkeld in samenwerking met diverse organisaties in de zorg. Je doet ervaring op bij verschillende zorg- of welzijnsorganisaties of gemeenten, zodat je een goed beeld krijgt van zaken die spelen binnen deze organisaties en gemeenten. Naast je werk volg je een intensief trainingsprogramma gericht op ketensamenwerking dat direct toepasbaar is in je werk!
Interesse?
Stuur je motivatiebrief en cv naar personeelszaken@hhm.nl. De eerste ronde van het talentenprogramma sluit donderdag 8 november. Is deze datum verstreken en wil je solliciteren op een later moment? Neem contact met ons op voor de mogelijkheden.