Werk type: Actueel

Hier doen wij het voor

Wij krijgen vaak complexe en uitdagende opdrachten. Daar werken wij met passie en enthousiasme aan. Ons werk moet effect hebben op cliënten. Want het gaat ons om kwalitatief betere zorg voor de cliënt. Dat is onze drijfveer. Daar doen wij het voor.

Hoe werkt dat bij bureau HHM? Ik zal u een paar voorbeelden geven van onderzoeken op landelijk niveau. Daarmee leveren we een inhoudelijke bijdrage aan de wet- en regelgeving.

Zo heeft bureau HHM op basis van een uitgebreid onderzoek naar de kenmerken van cliënten en hun zorgbehoefte in alle sectoren voor de AWBZ zorgzwaartepakketten (ZZP’s) ontwikkeld. Dit vormt nog steeds de basis van het huidige bekostigingssysteem met zorgprofielen voor de Wet langdurige zorg (Wlz).
Met deze systematiek is het mogelijk om de financiële middelen op basis van zorgzwaarte te verdelen binnen zorgorganisaties en daarvoor zorg te leveren die past bij de behoefte van de cliënt. Ik herinner me nog goed dat een ambtenaar van het ministerie van VWS bij de eerste landelijke registratie van ZZP’s in 2017 zei: “Wat fijn dat we nu veel duidelijker hebben over welke mensen we het hebben.”

Omdat ondertussen de visie op cliënten en de zorgbehoefte is veranderd hebben we voor de gehandicaptenzorg enkele zorgprofielen inhoudelijk en financieel geactualiseerd. Hiermee hebben we voor mensen met een ernstige meervoudige beperking helder gemaakt wat het extra kost om te zorgen dat zij zich individueel nog verder kunnen ontwikkelen.

Ook voor de geestelijke gezondheidszorg hebben we zorgprofielen ontwikkeld. Die worden vanaf 2021 voor de Wlz gehanteerd. Om er zeker van te zijn dat deze zorgprofielen in de praktijk werken hebben we de conceptversie landelijk getoetst onder een grote groep zorgorganisaties. Dit leverde het resultaat op dat het profiel passend is bij 97% van de 1.245 cliënten uit het onderzoek. Een bevestiging dat de zorgprofielen een goede weergave zijn van de verschillen in zorgzwaarte tussen cliënten.
Mensen met een combinatie van een psychische stoornis en verstandelijke beperking vallen niet langer tussen wal en schip. Zij krijgen zorg en behandeling op maat.

Jongeren met een licht verstandelijke beperking en een tijdelijke verblijfsbehoefte werden door de hervorming van de langdurige zorg vanaf 2015 van het kastje naar de muur gestuurd. Met als gevolg dat ze niet de juiste zorg kregen. Wij hebben de kenmerken en zorgvragen van deze groep jongeren landelijk in beeld gebracht. Op basis van dit onderzoek is sinds 2017 structureel €60 miljoen toegevoegd aan de Wmo. Gemeenten kunnen met dat geld tijdelijk verblijfszorg organiseren voor ouders met een verstandelijke beperking of voor jongvolwassenen met een verstandelijke beperking en moeilijk verstaanbaar gedrag.

In onze adviestrajecten bieden we gemeenten en zorgorganisaties inzicht in de zorgvraag van hun burgers. Gemeenten kunnen vervolgens beleid maken en zorg inkopen, passend bij de vraag van hun burgers. Voor zorgorganisaties biedt dit inzicht in het vastgoed en personeel dat nodig is voor het opzetten van een buurtvoorziening waar ouderen tijdelijk kunnen verblijven om hun mantelzorgers te ontlasten.

Subsidievouchers Juiste Zorg op de Juiste Plek nu beschikbaar

Samen de zorg echt veranderen. Zorg voorkomen, verplaatsen en vervangen. Dat is de essentie van het ZonMw-programma ‘Juiste Zorg Op de Juiste Plek’ (JZOJP). JZOJP is een onderdeel van het VWS-programma De Juiste Zorg op de Juiste Plek. Vanuit dit programma zijn nu subsidievouchers beschikbaar die u onder andere kunt gebruiken voor de inzet van onze Zorgmarktverkenner.
 
Wij helpen u met de subsidieaanvraag en met het vaststellen van het regiobeeld. Hiermee wordt de opgave waar uw regio voor staat inzichtelijk. Op basis van een data-gedreven analyse naar de ontwikkeling van kwetsbare inwoners in de regio brengen we onder andere in kaart hoeveel personeel er in de toekomst nodig is om de zorg te blijven bieden zoals deze nu geboden wordt. Met deze kennis kunt u vervolgens samen de stap zetten naar toekomstbestendige zorg.
 
De Zorgmarktverkenner bevat een analyse naar:

Cliënten
Prognose van het aantal zorgbehoevende mensen. Wij brengen de mensen in kaart waar uw samenwerking op gefocust is. Denk bijvoorbeeld aan kwetsbare ouderen, mensen met een handicap of mensen met psychiatrische problematiek.

Woonbehoefte
Inzicht in de woonbehoefte van de zorgbehoevende mensen; met specifieke aandacht voor ontwikkelingen van intramurale naar extramurale zorg.

Personeel
Prognose van het aantal benodigde en potentiële werknemers. Hoe groot is de kloof tussen deze twee en hoe kunt u hierop inspelen?

Zorglandschap
Quickscan van de partijen die in uw regio aanwezig zijn en aanbevelingen met betrekking tot samenwerking.

Bekostigingsvraagstukken naar een hoger niveau

Ook over tien jaar moet er nog voldoende zorg en ondersteuning beschikbaar zijn voor kwetsbare mensen. Demografische ontwikkeling noodzaken tot herbezinning: het aantal ouderen groeit en het aandeel kwetsbare ouderen daarbinnen ook. De ontwikkelingen in de GGZ verschuiven de ondersteuningsvraag naar het gemeentelijke sociaal domein, terwijl de budgetten niet meegroeien.
 
De grootste uitdaging die hier nu ligt voor gemeenten is om consistente keuzes te maken in het sociaal domein. Contractering (inkoop, aanbesteding) is vaak een eigenstandig proces, waarbij de procedures strak uitgelijnd zijn en heldere deadlines kennen. De keuze voor een wijze van bekostiging daarbinnen komt dan als vanzelf naar boven. De techniek van de contractering lijkt min of meer automatisch tot bekostiging te leiden.
 
Dat is jammer, want wij zien regelmatig dat de bestuurlijke visie dan uit het oog verloren wordt. De middelen die je kiest moeten namelijk passen bij de visie. Kies je voor een relatie met aanbieders op basis van vertrouwen, dan hoort daar een vorm van bekostiging bij die dat vertrouwen versterkt, niet een die van wantrouwen uitgaat.
 

Zo kregen we opdracht van een regio die had besloten met ‘Open House’ te gaan werken, op basis van lege raamovereenkomsten. Toen de uitgaven fors bleken te stijgen, was de reflex dat de tarieven te hoog waren vastgesteld. Ons onderzoek toonde aan dat die tarieven wel degelijk zorgvuldig  en dus reëel waren opgebouwd. Maar: de regio had weinig aandacht besteed aan de ontwikkeling van de ‘toegang’. Daarmee was de sturing op de beoogde ontwikkeling bij het ‘Open House’ model niet goed ontwikkeld.

 
De grote uitdaging voor gemeenten is het maken van keuzes: hoe wil je het lokale stelsel van zorg en ondersteuning veranderen. Wat zijn de aangrijpingspunten en welke rol geef ik de maatschappelijke partners? Als de contractering en de wijze van bekostigen geen verband houden met de bovenliggende visie op de verandering in het sociaal domein, verandert er in de praktijk weinig.

Veel gemeenten willen de innovatie stimuleren door de aanbieders niet meer op concrete producten, maar op resultaten bij inwoners te bekostigen. Daarmee wordt ruimte gecreëerd zodat aanbieders nieuwe oplossingen kunnen bedenken en in de praktijk invoeren. Maar als je weinig tijd beschikbaar stelt aan het contractmanagement en niet oprecht geďnteresseerd bent in de manier waarop aanbieders die ruimte invullen, loop je de kans dat achteraf het resultaatsbudget gewoon naar de klassieke producten is vertaald.

Wij proberen in onze opdrachten zoveel mogelijk bekostigingsvraagstukken naar een hoger niveau te tillen. Wat wordt er nu echt gevraagd en waarom? Past de vraag bij de toekomstvisie van de gemeente? Welke ambities zijn leidend voor de veranderingen in de praktijk? Hoe kunnen contractering en bekostiging daaraan bijdragen? Het is mooi om te merken dat onze opdrachtgevers zich ontvankelijk tonen voor deze complexe vraagstukken. Bewustzijn is immers het begin van elke verandering.
 
In een regio hielpen we mee om tot nieuwe, geďntegreerde (Wmo & Jeugdhulp) overeenkomsten te komen met de regionale aanbieders. Daarbij ontstond ruimte om bij de dure, gespecialiseerde  vormen van jeugdhulp na te denken over de verbinding van de inhoudelijke transformatie-ambities van de gemeenten met de bedrijfsvoeringsrisico’s van de  aanbieders. Dit heeft geleid tot nieuwe, intensieve vormen van overleg tussen vergelijkbare aanbieders en gemeenten. Met als belangrijkste doel dat inhoudelijke veranderingen worden gerealiseerd en dat aanbieders de  tijd krijgen om hun interne organisatie daarop aan te passen.  

Ook vanuit het perspectief van contractering en bekostiging zijn er veel mogelijkheden om de noodzakelijke veranderingen in het sociaal domein te realiseren. Die veranderingen zijn noodzakelijk om de komende jaren de ondersteuning van kwetsbare mensen betaalbaar en daarmee beschikbaar te houden.
Wij puzzelen graag met u mee.

Dit is een artikel uit het onlangs verschenen HHM Magazine.

Minicongres Grip op het Sociaal Domein

Als relatie van bureau HHM bent u van harte welkom op het minicongres Grip op het sociaal domein. Dit minicongres wordt georganiseerd door SDO Support, Bureau HHM en Pool Management & Organisatie.

Agenda

  • Opening door de dagvoorzitter (Maurice Velthuis)
  • De maatschappelijke opgaven in het sociaal domein (Nico Dam of Albertus Laan, partner bureau HHM)
  • De juiste stuurinformatie op tijd beschikbaar (Patrick Boon, projectleider SDO Support)
  • Succesvol management van ambtelijke en politieke processen (Hermien Dannenberg, interimmanager Pool Management & Organisatie)
  • Discussie
  • Afsluiting met hapje en drankje

Informatie & inspiratie
SDO Support, Bureau HHM en Pool Management & Organisatie bieden u een middag vol informatie en inspiratie waarin wij vanuit onze heldere visie ervaringen met u delen en waarbij u ook zelf actief aan de slag gaat. Het doel is om u te prikkelen een beetje anders naar uw rol te kijken en kennis over te dragen die u direct kunt toepassen in de praktijk.

Deelname
Op donderdag 27 juni 2019 bent u vanaf 12.15 uur welkom in Hotel Belmont te Ede. Het congres start om 13.00 uur en we sluiten om 17.00 uur af met een drankje. Voor uw deelname vragen we een bijdrage in de kosten van € 50,- exclusief btw.

Nieuwsgierig geworden? Meld u zich dan hier aan

Sleeping with the enemy

De afgelopen decennia vond een sterke specialisatie plaats in de zorg. Samenwerking tussen zorgaanbieders wordt daardoor steeds belangrijker.

Met de decentralisatie van zorgtaken naar gemeenten, wordt de noodzaak tot samenwerking in het sociaal domein ook urgenter. Gemeenten moeten samenwerken met zorgaanbieders. Zorgaanbieders moeten onderling samenwerken. En hoewel niemand tegen samenwerking is, blijkt de praktijk weerbarstig.
Bij samenwerking spelen, net als in elke relatie, misverstanden, veranderende verwachtingen en tegenstrijdige belangen een rol. Organisaties hebben verschillende mogelijkheden om hier mee om te gaan. Contracten en werkafspraken zijn veelgebruikte instrumenten. Hiermee worden posities expliciet gemaakt, waardoor misverstanden kunnen worden voorkomen. Maar de praktijk laat zich niet vangen in contracten en werkafspraken.

Een gemeente wil dat verschillende organisaties voor jeugd- en jongerenwerk gaan samenwerken en legt dit vast in een uitvoeringovereenkomst. Hoewel alle partijen de overeenkomst ondertekenen, verloopt de samenwerking moeizaam. De visie van de gemeente wordt omarmd, maar verschillen in werkstijlen leiden tot diverse incidenten.

Ook vertrouwen is een essentieel instrument bij samenwerking. Het creëert openheid, stimuleert gezamenlijke activiteiten, vermindert controledrang en helpt bij oplossen van conflicten. Vertrouwen, vooral doen, zo lijkt het. Maar is de ander te vertrouwen? Is samenwerken soms niet een kwestie van ‘sleeping with the enemy’? Ofwel: hoe kunnen organisaties bouwen aan vertrouwen?

De levenscyclus van een samenwerking heeft drie stadia. Het eerste stadium is de mate van bekendheid met elkaar. Soms zijn organisaties bij de start vreemden voor elkaar, terwijl andere organisaties elkaar al goed kennen. Vertrouwen wordt dan als het ware geďmporteerd vanuit een eerdere ervaring. Het hebben van een gemeenschappelijk verleden speelt dus een sleutelrol. Als dit er niet is, vraagt het scheppen van een basis voor vertrouwen een extra investering. Het tweede stadium is het sluiten van contracten en het maken van werkafspraken, waarbij informele afspraken worden geformaliseerd. Het vastleggen hiervan verschaft simpelweg helderheid.

Bij het uitwerken van een regionale crisisroute voor jongeren is een groot aantal partijen betrokken, waaronder zorgaanbieders met GGZ-expertise en met LVB-expertise. Beiden groepen aanbieders moeten onderling werkafspraken maken over hun beschikbaarheid bij crisissituaties. Omdat de zorgaanbieders met GGZ-expertise een historie van samenwerking hebben, komen zij snel tot werkafspraken. De zorgaanbieders met LVB-expertise hebben dit verleden in mindere mate. Zij hebben meerdere sessies nodig om tot werkafspraken te komen.

Openheid markeert het derde stadium van samenwerking. Het creëren van een omgeving waarin alles gezegd kan worden, op het juiste moment, met de juiste nauwkeurigheid, is de lakmoesproef voor samenwerking. Dit vraagt aandacht en zorgvuldigheid, vooral in het begin. De basis voor het initiële vertrouwen moet immers uitgebouwd worden. Als dit niet goed gaat, ontstaat een ‘neerwaarts effect’: de samenwerking verloopt steeds moeizamer, of stagneert zelfs. Als dit wel goed gaat, is juist sprake van een ‘opwaarts effect’: de samenwerking levert steeds meer op en het bereiken van resultaten gaat steeds makkelijker.

Wijkteams moeten samenwerken met tal van organisaties. De afgelopen jaren hebben zij veel ervaring opgedaan met elkaar. Partijen weten elkaar steeds beter weten te vinden, waarbij de samenwerking zelf ook steeds meer onderwerp van gesprek wordt, wat een impuls is voor de kwaliteit ervan.

Samen bouwen aan vertrouwen? Vooral een kwestie van doen!

Albertus promoveerde aan de Universiteit Twente op de vraag hoe opdrachtgevers en opdrachtnemers tot vertrouwensvolle samenwerking kunnen komen.

Deze column staat in het onlangs verschenen HHM Magazine.

Bescherm wonen in de wijk vraagt regionale aanpak

 
“Jij en ik kunnen morgen psychiatrisch patiënt worden en dan wil je ook zo normaal mogelijk meedoen in de maatschappij.” Het antwoord van Nico Dam, op de vraag of de beweging die nu binnen beschermd wonen wordt gemaakt past bij de wens van de cliënt. Een raak antwoord dat direct het tijdsbeeld schetst van meedoen, participeren en zorg dichtbij huis.
 
Nico Dam: “In beschermd wonen kom je eigenlijk alle uitdagingen tegen die je maar kunt bedenken als het gaat om de transformatie in het sociaal domein. De problematiek van mensen is complex en domein overstijgend. Het raakt verschillende beleidsterreinen en er zijn meerdere gemeentelijke afdelingen bij betrokken waaronder: Wmo, wonen en sociale zaken. Daarin zit ook een grote uitdaging, alleen al binnen de gemeenten. Van oorsprong hebben die afdelingen een andere manier van kijken. Zo zijn de mensen van de afdeling wonen vaak gewend om te kijken naar de infrastructuur en gebouwen in plaats van naar de mensen die er wonen. En de mensen van de sociale dienst kijken vaak vanuit de grenzen die wet- en regelgeving stelt en minder vanuit de bijdrage die regelingen kunnen leveren aan de oplossing van problematiek en het vergroten van de zelfstandigheid van mensen. Als het gaat om beschermd wonen dan is verbinding tussen die verschillende afdelingen, kennis van de doelgroep en een gedeelde visie van essentieel belang. En dan ben je er nog niet. Dit moet je samen met je ketenpartners (zorgaanbieders, woningcorporaties, welzijn, geneeskundige zorg) čn de wijk doen. Want het maatschappelijk draagvlak is ook een van de sleutelfactoren voor een succesvolle (waar mogelijk ambulante) inrichting van beschermd wonen.”
 
Dit is een fragment uit het artikel ‘Bescherm wonen in de wijk vraagt regionale aanpak’ uit het onlangs verschenen HHM Magazine.


 
 

Subsidiemogelijkheden: de juiste zorg op de juiste plek

De juiste zorg op de juiste plek. De Zorgmarktverkenner is het vertrekpunt voor een stevige positionering van uw zorgorganisatie afgestemd op de wensen en behoeften van cliënten. Organisaties die hier gebruik van willen maken kunnen hiervoor vanaf 3 juni via ZonMW subsidie aanvragen.
 
De Zorgmarktverkenner voorziet u van de feiten en het inzicht waarmee u focus kunt aanbrengen en helpt u bij het uitzetten van de route naar de stip op de horizon waar u naar toe wilt. Het helpt u bij het maken van een gedeeld regionaal beeld van de sociale situatie, de gezondheidssituatie en de behoeften in uw regio.
 
De zorgmarktverkenner helpt u bij het verkrijgen van zicht op:  

  • Het aantal mensen dat nu en in de toekomst gebruikmaakt van zorg- en ondersteuning en hun behoeften.
  • De kwalificaties en competenties van zorgmedewerkers en de mogelijkheden voor samenwerking met andere organisaties.
  • Demografische, sociaalmaatschappelijke en beleidsmatige ontwikkelen en toont hiervan de consequenties voor het benodigde zorgvastgoed en de woonbehoefte van uw (toekomstige) cliënten.
  • Welke zorgaanbieders er in uw regio actief zijn, welke zorgproducten worden geleverd en wat uw marktaandeel is.

Gebruikmaken van de Zorgmarktverkenner en de ZonMW-subsidiemogelijkheden?
Wij kunnen u daarbij helpen. Onze Zorgmarktverkenners Lennart Homan, Eline Lubbes en Patrick Jansen vertellen u graag meer, T. 053 433 05 48.

Rapport Specifieke cliëntgroepen in de aanpak wachttijden ggz

Wat zijn oorzaken van de lange wachttijden voor mensen met autisme, persoonlijkheidsstoornissen, trauma of LVB met ggz-problemen? En waar zitten handvatten voor oplossingen? In opdracht van de landelijke stuurgroep wachttijden onderzocht bureau HHM waarom juist deze groepen lang moeten wachten.
In het
rapport Specifieke cliëntgroepen in de aanpak wachttijden ggz geeft bureau HHM inzage.
 
Binnen alle cliëntgroepen geldt dat de zwaardere subgroepen de meeste hinder ervaren van wachttijden. Enkele redenen hiervan zijn: bij deze groepen is vaak sprake van comorditeit waardoor heen-en-weer verwijzingen ontstaan, terwijl juist deze groep gebaat is bij een meer integrale aanpak, met behoud van specialistische kennis. Ook wordt deze groep het meest getroffen door de braindrain vanuit de instellingen omdat hiermee specialistische expertise en capaciteit verloren gaan. Bij de lichtere groepen speelt vaker gebrek aan overzicht. In het rapport wordt hier verder op ingegaan.
 
Het rapport bevat oplossingsrichtingen en verbetermogelijkheden om de wachttijden bij specifieke clientgroepen aan te pakken. Één van de oplossingen is betere triage bij de huisarts.

Meer lezen? Zie ook
wegvandewachtlijst.nl

HHM Magazine

Eind dit jaar bestaat bureau HHM 40 jaar. In dit jubileum-magazine laten we onze opdrachtgevers en relaties zien wat we allemaal deden en (gaan) doen. Het magazine staat vol met voorbeelden waarin HHM’ers laten zien hoe zij werken.

HHM Magazine

GEZOCHT: Deelnemers veldarena arbeidsmarktproblematiek

In opdracht van het Onderzoeksprogramma AZW (Arbeidsmarkt Zorg en Welzijn)* voeren TNO en bureau HHM een verdiepend onderzoek uit in de sectoren zorg en welzijn. Vakbonden en werkgevers (de eigenaren van het AZW programma) kunnen de resultaten van het onderzoek gebruiken in o.a. de cao onderhandelingen en onderlinge dialoog. Daarvoor hebben ze behoefte aan meer actuele informatie uit de praktijk.

Om te zorgen dat de ervaringen uit de praktijk goed naar voren komen zijn we op zoek naar mensen uit de praktijk – zoals verpleegkundigen, pedagogisch medewerkers of verzorgenden, HR-medewerkers en leden van de OR – die tijdens veldarena’s met ons mee willen praten over:

  • toekomstige personeelsbehoefte
  • kwalitatieve mismatch bij de werving van personeel
  • krimp in banen bij een deel van de organisatie
  • toename in werkdruk en agressie
  • technologie als oplossing voor deze problemen

Bij de veldarena’s werken we met diverse interactieve werkvormen, zodat je op verschillende manieren jouw ervaringen kunt delen met anderen. Een unieke kans om te horen hoe het er bij een ander aan toe gaat.

Interessante discussies en positieve geluiden na de eerste twee bijeenkomsten:

  • “Ik heb nieuwe ideeën opgedaan”
  • “Mooie opzet en structuur met verschillende elementen”
  • “Leuk om mensen van andere organisaties te spreken, moeten we vaker doen”
  • “Veel gehoord over andere organisaties”
  • “Het heeft me geboeid tot het einde”

Jouw ervaringen delen en meepraten over de arbeidsmarktproblematiek in jouw branche?

Klik hier voor data, locatie en aanmelden

Alle bijeenkomsten vinden plaats in Utrecht, reiskosten worden vergoed. Na aanmelding ontvang je verdere informatie over de bijeenkomst.

Meld je aan en praat mee over de arbeidsproblematiek in jouw branche!

*Opdrachtgevers voor het onderzoeksprogramma AZW zijn het ministerie van VWS en de arbeidsmarktfondsen in zorg en welzijn waarin o.a. de volgende partijen vertegenwoordigd zijn: FNV, CNV Zorg en Welzijn, NU’91, FBZ, NVvPO, NVDA, ActiZ, Zorgthuisnl, LHV, InEen, Sociaal Werk Nederland, Jeugdzorg Nederland, Branche organisatie Kinderopvang, GGZ Nederland, NFU en VGN.

De Zorgmarktverkenner. Ontdek de route voor uw zorgorganisatie.

Bureau HHM doet al jaren onderzoek voor zorgaanbieders naar verschillende onderwerpen, zoals vastgoed, personeel en de toekomstige zorgvraag. Elke vraag is uniek, maar er zijn thema’s die blijven terugkomen. Er is altijd de onderliggende vraag die bijna alle zorgorganisaties bezighoudt: Hoe organiseer ik voor mijn organisatie en mijn cliënten de juiste zorg op de juiste plek en het juiste moment.

Wij hebben al onze kennis gebundeld in de Zorgmarktverkenner, een unieke aanpak op maat.
De Zorgmarktverkenner voorziet u van de feiten en het inzicht die u nodig heeft om de focus aan te brengen. Focus met betrekking tot de positie die u wilt innemen met uw organisatie en hoe u zich kunt onderscheiden.

De Zorgmarktverkenner legt daarbij de verbanden met wat dit betekent voor uw omgeving en de wijze waarop u wilt samenwerken.

En misschien wel het allerbelangrijkste, de Zorgmarktverkenner helpt u bij het uitzetten van de route naar de stip op de horizon waar u naar toe wilt.

U leest hier alles over op de website van de Zorgmarktverkenner.

Risicoanalyse inkoop Jeugdhulp

In de voorbereiding op de nieuwe aanbesteding wil een gemeente een risicoanalyse laten uitvoeren op de voorstellen die vanuit een regionale inkoopanalyse zijn gedaan.

Daarbij wil de gemeente een scherpere koers uitzetten met een betere balans tussen inhoudelijke transformatie en financiële beheersing.

Vacature (Aankomend) Senior Adviseur Zorgorganisaties

Wij zoeken een gedreven en enthousiaste (aankomend) senior organisatieadviseur, met een groeiend netwerk in de zorg, die ervaring heeft met het realiseren van blijvende verbeteringen in de (langdurige) zorg. Vanuit kennis en visie en ook met kwaliteiten als actieve netwerker en communicator, verbinder, zakelijkheid en commercieel inzicht, is de adviseur die wij zoeken in staat om nieuwe typen opdrachten te genereren en uit te voeren. Met name voor de sectoren VVT, GZ, GGZ en/of Jeugdzorg weet de nieuwe adviseur een sterk businessplan te maken dat snel rendeert, met mooie opdrachten voor zichzelf, en ook voor collega adviseurs.
Krijg jij mensen in beweging? En kun je snel schakelen tussen beleid en uitvoering? Dan ben jij misschien wel degene die ons team komt versterken!

De werving en selectie voor deze vacature verloopt loopt via K+V.

Vacature (Aankomend) Senior Adviseur Zorgorganisaties

Kennissessie sociaal domein

Wij verzorgen voor een Gelderse gemeente een interactieve ‘kennissessie sociaal domein’ voor beleidsmedewerkers in het sociaal domein, programmamanagers en andere functionarissen die zich bezighouden met strategie en beleid.

Doel van de kennissessie is om meer gevoel te krijgen bij de rol en positie die de gemeente in kan nemen als een betrouwbare en volwaardige gesprekspartner voor inwoners, zorgaanbieders, vastgoedeigenaren en welzijnsorganisaties. Maar ook om flexibel in te kunnen springen op verandering in vraag, wet- en regelgeving en financiering van zorg en ondersteuning. Zodat coalities kunnen worden gevormd met genoemde partijen om samen slimme oplossingen te realiseren op het gebied van wonen, zorg en welzijn.

Onderzoek prognose aanvragen Wmo

Een centrumgemeente wil in het begin van 2019 zicht krijgen op de ontwikkeling van de aanvragen voor Wmo-ondersteuning. Dit omdat de wachttijden oplopen en het aantal inwoners dat langer dan de wettelijke termijn moet wachten toeneemt. De gemeente heeft zelf onderzoek gedaan naar de geconstateerde problematiek en hier verbeteracties op uit gezet.

Om in de toekomst te voorkomen dat een dergelijke situatie zich wederom voordoet wil de gemeente een inhoudelijke analyse van de verwachte ontwikkeling van het aantal meldingen voor Wmo-ondersteuning. Daarbij hebben zij bureau HHM gevraagd voor ondersteuning bij het in kaart brengen van de (mogelijke) externe oorzaken van de toename van het aantal meldingen in de toekomst en de effecten hiervan.

Onderzoek arbeidsmarkt zorg en welzijn

Arbeidsmarktontwikkelingen beďnvloeden de match tussen de vraag en het aanbod van arbeid in de sector Zorg en Welzijn. Het doel van dit onderzoek is om meer inzicht te krijgen in de oorzaken en gevolgen van krimp van organisaties, de kwalitatieve mismatch, werkdruk, agressie, en de mogelijkheden die technologie en domotica bieden voor problemen met werkdruk, agressie en de inzet van personeel. Wij organiseren voor 10 branches in zorg en welzijn een veldarena. Daarin gaan we hiervoor met werkgevers en werknemers op zoek naar oorzaken, relevante factoren en oplossingsrichtingen.

Ruimte in het hoofd en in de agenda

We begeleiden een afdelingscoördinator van twee verpleeghuisafdelingen naar meer ruimte in het hoofd en in de agenda.

We starten met een analyse door aantal dagen mee te kijken en samen een actieplan op te stellen hoe de werkzaamheden anders en slimmer kunnen worden georganiseerd. Doel is dat op de korte en langere termijn de afdeling weer op orde komt. Daarna blijven we een aantal maanden betrokken om de afdelingscoördinator te coachen in het uitvoeren van het actieplan zodat ze grip op haar werk houdt en de juiste prioriteiten worden gesteld op locatie.

Bekostigingsmodel beschermd wonen

Een centrumgemeente en de zorgaanbieders willen het aanbod van beschermd wonen beter laten aansluiten op de vraag van cliënten, zodat zij zo passend mogelijk wonen en ondersteund worden. Daarom ontwikkelden we eerder een modulair pakket voor beschermd wonen met de onderdelen ‘wonen’, ‘persoonlijke/individuele begeleiding’ en ‘daginvulling en dagstructuur’. Hier gaan we nu samen met de lokale partijen een bekostigingsmodel van maken. In een aantal werksessies werken we de modules inhoudelijk verder uit en bepalen we de kostprijzen die bij de verschillende modules horen.

Evelien tijdelijk aan de slag als kwaliteitsadviseur bij Haagse wijk- en woonzorg

De Haagse zorgaanbieder HWW Zorg heeft de afgelopen jaren sterk ingezet op het verbeteren van de kwaliteit. Een aantal thema’s verdienen de komende tijd nog aandacht. Evelien biedt tijdelijke ondersteuning in de functie van kwaliteitsadviseur en draagt zo bij aan het verbeteren van de kwaliteit van zorg.

Het gaat om de volgende werkzaamheden:

  • Verbeteren medicatieveiligheid en methodisch werken
  • Uitvoeren en uitwerken van interne audits
  • Aanpassen/inkorten/ontdubbelen van het kwaliteitshandboek
  • Evaluatie van het (werken met het) Elektronisch Cliëntendossier en het werken met het classificatiesysteem

Het gaat dus om het werken aan een toekomstbestendig kwaliteitssysteem en tegelijkertijd om het signaleren en oppakken van acute problemen in het hier en nu. Evelien kent de ouderenzorg goed en heeft in de afgelopen periode diverse kwaliteitsscans uitgevoerd.

HHM’ertje – Aan tafel

HHM'ertje

Als adviseurs komen wij op veel verschillende plekken en binnen veel verschillende organisaties. Regelmatig delen we een opvallende, grappige, inspirerende belevenis met u in de rubriek: HHM'ertje.
 


Aan tafel  
 
Op een zomerse dag zet ik mijn dochter van elf maanden in de kinderstoel op ons terras om samen een hapje te eten. Wij kijken uit op een terras van een verpleegafdeling voor mensen met dementie. Daar is het ook etenstijd. Een deel van de bewoners kan dit nog zelf, een ander deel heeft hier hulp bij nodig. Net als mijn dochter. Het doet mij beseffen hoe zeer die eerste en laatste levensfase op elkaar kunnen lijken. En vooral hoe belangrijk het is dat er voor deze mensen naast professionele zorg ook aandacht en warmte is.

Door Nicole Brink

Hoeveel zorggeschikte woningen heeft uw gemeente in de toekomst nodig?

Bureau HHM ontwikkelde een methode die specifiek in kaart brengt hoeveel zorgwoningen, huur of koop, in de toekomst nodig zijn om te kunnen voldoen aan de behoeften van kwetsbare inwoners. Door dit te vergelijken met het huidige aanbod van zorggeschikte woningen ontstaat een duidelijk beeld van de lokale woonopgave.

Deze methode maakt gebruik van gemeente-specifieke data over onder andere de woonzorgbehoefte en het woningaanbod op wijkniveau. Met behulp van onze analyse-tools vertalen we deze data naar informatie die u nodig heeft om antwoord te krijgen op vragen zoals:

  • Hoeveel appartementen voor mensen met dementie heeft onze gemeente in 2028 nodig?
  • Hoeveel rolstoeltoegankelijke woningen in welke prijsklasse hebben we in 2028 nodig?
  • Naar welke wijken kunnen mensen die voorheen in het Beschermd Wonen verbleven het beste uitstromen?
  • Hoeveel woningen, van welk type en in welke prijsklasse, heeft onze gemeente nodig om jongeren tot 23 jaar met een hulpvraag te huisvesten?
  • Welke voorzieningen moet onze gemeente in de nabijheid van een complex waar zorgbehoevende ouderen wonen realiseren, zodat zij daar passend kunnen wonen?

Bent u op zoek naar antwoorden op dit soort vragen?
Lennart Homan vertelt u graag hoe bureau HHM kan helpen.

Uitspraak CRvB onderzoek normtijden huishoudelijke hulp: advies HHM en KPMG is toepasbaar voor gemeenten

 
Bureau HHM en KPMG Health hebben met interesse kennisgenomen van de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep (CRvB) in de zaken tegen de gemeenten Nijkerk en Bodegraven Reeuwijk over normtijden voor huishoudelijke hulp onder de Wmo 2015.
 
Hoewel de bureaus geen partij zijn in de zaak werd het onderzoek dat de bureaus eerder gezamenlijk voor gemeenten en in het bijzonder de gemeente Utrecht hebben uitgevoerd in twijfel getrokken. In de zaak die de CRvB behandelde gaat het om de vraag of het toegekende aantal uren hulp bij het huishouden gebaseerd is op onafhankelijk en deugdelijk onderzoek naar de tijd die nodig is voor het schoonhouden van een huis. De Raad concludeert dat het onderzoek van bureau HHM en KPMG naar de onderbouwing van de normtijden voor huishoudelijke hulp deugdelijk is.
 
Arjan Ogink van KPMG is überhaupt blij dat er nu een zienswijze is van de CRvB. ‘Vernieuwing van de Wmo 2015 vraagt om het bewandelen van nieuwe wegen. In het uitgevoerde onderzoek heeft het belang van burgers en het belangrijke werk van professionals net zo centraal gestaan als de zoektocht naar vernieuwing. Het is goed dat er een systeem is waarbij er bijstelling kan volgen uit rechterlijke toetsing. Na de uitspraak in 2016 hebben diverse gemeenten gericht aanpassingen gemaakt en normeringen bijgesteld. Aanpassingen die zijn gemaakt waren nog niet eerder op deze wijze getoetst’. Ogink doelt ondermeer op de onderzoeken waarbij bureau HHM en KPMG adviseerden in een norm vanuit onafhankelijk en objectief onderzoek en latere uitvoeringsvarianten die zijn beschreven. Maar ook het ontwikkeltraject: Wmo 2015 in uitvoering: Passend en onderbouwd (lokaal) beleid voor hulp bij het huishouden dat gemeenten gezamenlijk hebben doorlopen.
 
Nico Dam, bureau HHM: ‘Het is voor de betrokken gemeenten niet de gewenste uitslag, tegelijk laat het zien hoe belangrijk het is dat gemeenten zorgvuldig beoordelen of het eigen beleid past bij het beleid van de gemeente waar bureau HHM en KPMG het onderzoek hebben uitgevoerd. Nu de Centrale Raad heeft vastgesteld dat het toegepast bedrijfskundig onderzoek naar de onderbouwing van de normtijden voor huishoudelijke hulp onafhankelijk en objectief is, kan het wel breder door gemeenten worden toegepast. Naast een uitgewerkt samenspel van beleid en onderbouwing is het belangrijk om kennis te nemen van de verdere inhoud van deze uitspraak van de CRvB, net als de uitspraak van 8 oktober, want dit kan ook consequenties hebben voor de wijze waarop gemeenten hun beleid inrichten als het gaat om deze en andere Wmo-voorzieningen.’

Voor meer informatie:
Willem Bonekamp, woordvoerder KPMG
Nico Dam, partner bureau HHM

 

HHM’ertje – Privacy op het toilet

HHM'ertje

Als adviseurs komen wij op veel verschillende plekken en binnen veel verschillende organisaties. Regelmatig delen we een opvallende, grappige, inspirerende belevenis met u in de rubriek: HHM'ertje.
 


Privacy op het toilet   
 
In een woonzorgcentrum loop ik mee met de verpleegkundige. Ik maak een kwaliteitsfoto van de locatie om sterke punten en leerpunten te benoemen. We arriveren bij een bewoner die op het toilet zit en hulp nodig heeft. De verpleegkundige vertelt dat ze vandaag iemand heeft meegenomen. Ik heb geen idee in hoeverre de man op het toilet op zijn privacy gesteld is. Discreet blijf ik om de hoek van de badkamer staan tot de verpleegkundige me heeft geïntroduceerd. Ze is amper uitgesproken of de man vraagt: “Maar is die mevrouw dan mensenschuw?”

Door Evelien Rijken  

Een frisse blik op uw woonzorglocaties


Tangenborgh

Op vijf woonzorglocaties van Tangenborgh, voerden Chantal IJland en Evelien Rijken een kwaliteitsscan uit. Door observeren, meelopen en interviewen brachten zij in kaart hoe de locaties ervoor staan op de thema’s persoonsgerichte zorg, sturen op kwaliteit en veiligheid en deskundige zorgverlener. Dit leverde per locatie een helder beeld op van wat er goed gaat en welke verbeterpunten er zijn. In vervolggesprekken wordt nu gekeken hoe deze verbeteringen ingezet kunnen worden.

De resultaten uit de kwaliteitsscan bevestigden enerzijds het beeld dat bestond van de locaties anderzijds leverde het verrassende nieuwe inzichten op die de teams kunnen helpen zich verder te ontwikkelen en de kwaliteit te verbeteren.

Multidisciplinair samenwerken was op veel locaties een aandachtspunt, daarom worden de vervolg­gesprekken multidisciplinair gevoerd.

Evelien: “Het kan enorm helpen als iemand van buiten met een open en frisse blik in gesprek gaat met medewerkers. Vaak komen er dan andere punten naar boven dan wanneer organisaties dit zelf laten doen door bijvoorbeeld een kwaliteitsmedewerker of locatiemanager. De vraagstelling en verhoudingen zijn anders waardoor een open dialoog ontstaat.”

Heeft u ook behoefte aan een frisse blik op uw locaties?

Evelien vertelt u graag over onze aanpak.

Week van reflectie: met hart & ziel voor goede zorg


Tangenborgh

Deze week is het de Week van reflectie. Een bijzonder samenwerkingsverband van gezondheidszorg, jeugdzorg en opleidingen.

In het hele land zijn inspirerende activiteiten op het gebied van reflectie, ethiek & moreel beraad, en er is aandacht voor morele vragen in de dagelijkse praktijk. Een week lang staat goede zorg centraal. De Week van reflectie is in acht jaar uitgegroeid tot een breed initiatief, waaraan wordt meegewerkt door zorginstellingen, jeugdzorgorganisaties, opleidingen en andere betrokkenen in het hele land.

Reflectie wat is dat eigenlijk?
Deze afbeelding vol met tips en handige hulpvragen helpt je daarbij.

HHM’ertje – Een hand van de bakker

HHM'ertje

Als adviseurs komen wij op veel verschillende plekken en binnen veel verschillende organisaties. Regelmatig delen we een opvallende, grappige, inspirerende belevenis met u in de rubriek: HHM'ertje.
 


Een hand van de bakker  
 
In mijn vrije tijd bak ik graag taarten. Tijdens tv-programma the great British bake-off doe ik altijd inspiratie op. Als een kandidaat het écht goed gedaan heeft, krijgt hij/zij een handdruk van jurylid en meesterbakker Paul Hollywood, een grote eer. Bij een werksessie over beschermd thuis die ik begeleid, komt mijn opdrachtgever in de pauze naar me toe. Hij schudt mijn hand met de woorden “Hier word ik blij van”. “Wauw”, floep ik eruit. “Net als een hand van de bakker”.

Door Evelien Rijken  

 

 

Onderzoekspanel HHM: Denkt u met ons mee?

Bureau HHM onderzoekt, adviseert en beweegt. Dat kunnen wij niet alleen. Daarvoor hebben wij de kennis en expertise van mensen uit het veld nodig. Vindt u het leuk om ons daarbij te helpen? Schrijf u dan in voor het HHM onderzoekspanel.
 
Als lid van het onderzoekspanel krijgt u een uitnodiging als wij uw hulp kunnen gebruiken bij één van onze onderzoeken of projecten. Het kan dan bijvoorbeeld gaan om het invullen van een vragenlijst, het aanleveren van relevante data of een verzoek voor een (telefonisch) interview.

 

Eerst meer informatie over ons panel en deelname?
Neem dan contact met ons op door te bellen naar 053 433 05 48 of mailen: onderzoek@hhm.nl.
 

HHM Deed

Wij helpen organisaties in de zorg en het sociale domein. Dit doen we door het uitvoeren van onderzoek, samen te werken bij de transformatie en het ontwikkelen van innovatieve oplossingen. In de rubriek HHM deed houden we u maandelijks op de hoogte van onze afgeronde projecten. Als een project leidt tot een openbaar eindrapport, dan kunt u dat direct downloaden.
 
Meer weten? Neem dan gerust contact op met een van de betrokken adviseurs.


Inventarisatie cliënten beschermd wonen
 
Voor een gemeente deed bureau HHM in 2017 onderzoek naar het aantal cliënten in Beschermd Wonen (BW). De gemeente vroeg ons dit onderzoek te actualiseren met de gegevens op peildatum 1-1-2018. De uitkomsten van de actualisatie worden gebruikt om de bestuurders van de regiogemeenten te informeren.
 
Adviseur: Lennart Homan.

 


Implementatie nieuwe inkoopmodel jeugd
 

We ondersteunden een gemeente bij de implementatie van een nieuw inkoopmodel. Vanaf 1 januari 2018 vraagt dit een andere werkwijze van de medewerkers van de toegang (Centrum voor Jeugd en Gezin), externe verwijzers (zoals de huisartsen) en jeugdhulpaanbieders. Vraagstukken waarop we samen een antwoord zochten zijn:
 

  • De werking van het stappenplan in de praktijk van de toegang;
  • Wat zijn de gevolgen die het nieuwe inkoopmodel heeft voor het gesprek dat door de toegang  wordt gevoerd met inwoners en het plan dat hieruit voortkomt;
  • De inpassing van de pgb-systematiek in het nieuwe inkoopmodel;
  • De invulling van de monitoring en verantwoording, intern en extern.

 
Adviseur: Maartje Hanning.
 


Inzet beleidsmedewerker Jeugd
 
Een Overijsselse gemeente vroeg bureau HHM te helpen bij de ontwikkeling van het jeugdbeleid.
 
Hierbij ging het onder meer over de implementatie van het nieuwe inkoopmodel, de bijdrage van de gemeente aan diverse regionale werkgroepen en de doorontwikkeling van het wijkteam op het gebied van (de toegang tot) jeugdhulp en maatschappelijke ondersteuning.
 
Daarnaast speelden ontwikkelingen als het versterken van de mogelijkheden voor preventie en het verbeteren van de samenwerking met het onderwijs en de specialistische jeugdhulp aanbieders. Hierbij werd vooral gekeken naar hoe de lokale opgaven zich verhouden tot regionale samenwerking op het gebied van toegang, inkoop en de inrichting van de backoffice.
 
Adviseur: Maartje Hanning
 


Marktverkenning zorgaanbieder

Een zorgaanbieder ziet zich geconfronteerd met diverse opgaven die van invloed zijn op de toekomstige strategische positionering en profilering en het benodigde vastgoed. Om de strategische koers, met bijzondere aandacht voor de keuzes die worden gevraagd met betrekking tot het benodigde vastgoed, te bepalen vroeg de organisatie bureau HHM een marktverkenning uit te voeren.
 
We voerden de volgende activiteiten uit, waarbij we bijbehorende vragen beantwoorden:
 
Gebiedsanalyse
Hoe hangen demografische ontwikkelingen samen met zorgconsumptiecijfers? Welke ontwikkelingen hebben daarin plaatsgevonden? En wat betekent dit voor de toekomst?
 
Impactanalyse
Wat zijn de effecten van veranderende wet- en regelgeving op vraag en aanbod? Maar ook gaat het om maatschappelijke trends, zoals de behoefte van mensen om zo lang mogelijk thuis te willen blijven wonen. Wat betekent dit voor de benodigde (vastgoed)capaciteit?
 
Concurrentieanalyse
Wie zijn de belangrijkste concurrenten en hoe profileren zij zich? Waar liggen kansen in de markt en waar is de markt verzadigd? Wat betekent dit voor de marktstrategie?
 
De uitkomsten zijn met het management team van de zorgaanbieder besproken en worden gebruikt om de strategische koers en de daarbij behorende keuzes op het gebied van productontwikkeling, vastgoed en personeel concreet te maken.
 
Adviseurs: Lennart Homan en Eline Lubbes.
 


Diepte-interviews met statushouders uit Eritrea en Syrië
Een verdieping van de audit klantervaring ‘Zorg voor elkaar Breda’
 
De gemeente Breda heeft behoefte aan meer zicht op de succes- en faalfactoren van de integratie van Eritrese en Syrische statushouders. Om deze groepen op een passende manier te ondersteunen bij de integratie in Nederland en in het bijzonder in Breda. De gemeente wil daarom weten: Wat zijn de succes- en faalfactoren bij de integratie van Eritrese en Syrische statushouders en welke rol speelt de ondersteuning van het netwerk daarbij?
 
Bureau HHM onderzocht dit door diepte-interviews te houden met statushouders uit Eritrea en Syrië. Hieruit bleek onder andere:
 
Succesvol geďntegreerde statushouders::

  • zijn (zeer) gemotiveerd om te slagen;
  • zoeken eigen wegen om onze taal te leren;
  • hebben actief gezocht naar school of werk;
  • hebben contacten met eveneens goed geïntegreerde landgenoten;
  • pakken het ondersteuningsaanbod met beide handen aan.

 
Statushouders die minder goed geďntegreerd zijn:

  • maken zich afhankelijk van ondersteuningsaanbod;
  • zijn minder gemotiveerd om zelf actie te ondernemen, bijvoorbeeld richting taal, school of werk en daarmee afwachtend;
  • ervaren veel last van stress;
  • gaan vooral om met landgenoten die ook minder geïntegreerd zijn.

 
Statushouders zijn:

  • gelukkig met de veiligheid en goede zorg;
  • dankbaar voor huisvesting en uitkering;
  • blij met hun buddy als dit een echt ‘maatje’ van ze is geworden;
  • kritisch over de taallessen;
  • wisselend in staat zelf regie te voeren.

 
Eritrese statushouders:

  • zijn vaak jong en missen positieve druk vanuit familie;
  • komen uit een rurale, agrarische leefomgeving en zijn laag- of ongeschoold (analfabeet);
  • missen hier positieve sociale druk vanuit familieverbanden;
  • hebben weinig scholing en werkervaring;
  • worden vaak door de familie op pad gestuurd;
  • ervaren veel stress die verlammend werkt;
  • hebben vaker schulden en verslavingsproblemen.
  • laten niet snel het achterste van hun tong zien.

 
Maar Eritrese statushouders:

  • zijn ook bereid hard te werken;
  • gaan respectvol om met anderen;
  • kennen veel gastvrijheid.

 
Adviseurs: Stacey Hulst en Nico Dam.
 


Informatiebijeenkomst reële tarieven Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang
 
Gemeenten moeten een reële kostprijs betalen aan aanbieders van beschermd wonen en maatschappelijke opvang. Zo staat het in de wet. Maar wat is een reële prijs? Hoe bepaal je dat?
 
De (centrum)gemeenten die verantwoordelijk zijn voor de tarifering van Beschermd Wonen (BW) en Maatschappelijke Opvang zijn sinds 2017 verplicht zich te houden aan de AmvB (Algemene Maatregel van Bestuur) “Reële tarieven Wmo”. De VNG organiseerde twee informatiebijeenkomsten om de (centrum)gemeenten daarover te informeren. Bureau HHM vulde deze bijeenkomsten in en stelde naar aanleiding van deze bijeenkomsten voor de VNG een factsheet op.
 
Mike Koers: “Aanwezigen gaven aan dat het een waardevolle bijeenkomst was, waarbij gemeenten meer zicht hebben gekregen op de totstandkoming van een reële prijs, welk proces daarvoor nodig is, en ook inzicht in het feit dat gemeenten eerst vooraf een aantal vragen zou moeten beantwoorden voordat een reële prijs kan worden bepaald. Denk daarbij aan vragen als: Hoe wil je het zorglandschap inrichten? Hoe wil je contracteren? Hoe beschrijf je je te contracteren diensten/prestaties? Wat is je (toekomstige) doelgroep? Wat hebben zij nodig (aan ondersteuning/begeleiding en huisvesting)? Welke varianten wil je onderscheiden?”
 
Adviseurs: Mike Koers en Peter Bakker.
 


Werkwijzer medisch noodzakelijk verblijf ggz
 
Patiënten zitten soms onnodig lang in een instelling voor geneeskundige ggz. Ze kunnen niet naar huis omdat de noodzakelijke ambulante zorg of de noodzakelijke vervolgvoorzieningen in het sociaal domein ontbreken. Om te stimuleren dat patiënten op tijd en verantwoord de instelling kunnen verlaten, heeft bureau HHM in opdracht van GGZ Nederland, MIND, VNG en ZN de Werkwijzer medisch noodzakelijk verblijf ggz opgesteld. De Werkwijzer maakt duidelijk welke afspraken in de regio nodig zijn om de overgang van verblijf in een ggz instelling naar ggz zorg thuis te verbeteren. 


 

Pilot praktische methode voor zelfredzaamheid gemeente Westervoort
 
In de gemeente Westervoort sloten we een periode van drie jaar af waarbij samen een methode is ontwikkeld om breed te kijken naar wat een inwoner met een hulpvraag nu echt nodig heeft. Hiervoor gebruikten we Levenskracht. Dit heeft ervoor gezorgd dat medewerkers binnen het sociaal domein een eenduidige gespreksvoering hanteren die hen helpt om breed te kijken naar iemands hulpvraag.
 
Nu de pilot is afgerond blijft het team de methode gebruiken. De implementatie is geborgd. Maartje Hanning, bureau HHM: “De winst van de nieuwe manier van gespreksvoering zit in het feit dat de inwoner met Levenskracht zelf praktisch aan de slag gaat om zijn of haar hulpvraag te verduidelijken. Alle levensgebieden komen aan bod waardoor soms verrassende oplossingen op de tafel komen. Bovendien is het dan een oplossing die de inwoner zelf bedacht heeft waardoor de kans van slagen groot is. Bijvoorbeeld: een dochter klopt bij de gemeente aan met de vraag: ‘Mijn moeder heeft dagbesteding nodig hoe organiseer ik dat?’. Na een gesprek met moeder bleek dat zij zich regelmatig eenzaam voelde. Dagbesteding zag zij alleen helemaal niet zitten. Ze hield niet zo van grote groepen en voelde zich daarin vaak juist eenzamer dan wanneer ze alleen thuis was. Daarom werd voor haar een maatje gezocht waarmee ze twee keer in de week koffie drinkt of een leuke activiteit onderneemt.”
 
Meer informatie: Maartje Hanning.
 


Benieuwd aan welke projecten we nog meer werk(t)en? In onze DRIVE kunt aan de hand van trefwoorden zoeken in ons werk.

 

Schrijf u in voor onze nieuwsbrief en blijf op de hoogte van actuele zaken in de zorg en het sociale domein. 

Onderzoek aanpak wachttijden ggz

Mensen met autisme, persoonlijkheidsstoornissen, trauma en licht verstandelijke beperking (lvb) in combinatie met ggz-problematiek wachten vaak lang op geestelijke gezondheidszorg. In opdracht van de landelijke stuurgroep wachttijden onderzoekt bureau HHM waarom juist deze groepen lang moeten wachten.
 
Binnen de gehele ggz is sprake van wachttijden. Ondanks gemaakte afspraken en gedane inspanningen, bleek afgelopen voorjaar het terugbrengen van deze wachttijden binnen de geldende Treeknormen niet haalbaar voor juli 2018. Ggz-partijen hebben daarom besloten tot een intensievere aanpak. Een onderdeel van deze aanpak is onderzoek naar knelpunten en oplossingen bij de vier specifieke cliëntgroepen die te maken hebben met extra lange wachttijden.
 
Sylvia Schutte, bureau HHM: “Een beter begrip van de achtergrond en bredere context van de lange wachttijden voor deze specifieke groepen is nodig om de knelpunten uiteindelijk te kunnen oplossen.”
 
“We zoeken de verdieping door in een beperkt aantal regio’s te bepalen welke factoren de wachttijden voor de vier cliëntgroepen bepalen en geven een kwalitatieve en kwantitatieve duiding van de knelpunten. Vervolgens bespreken we deze in focusgroepen en expertsessies per cliëntgroep voor verdere toetsing en inhoudelijke verdieping en vertaling naar aanbevelingen, oplossingsrichtingen en goede voorbeelden”, aldus Sylvia over de onderzoeksaanpak.

Meer weten?
Neem gerust contact op met Sylvia Schutte, Louise Pansier of Eline Lubbes, t. 053 433 05 48.

HHM’ertje – Collegialiteit op de vluchtstrook

HHM'ertje

Als adviseurs komen wij op veel verschillende plekken en binnen veel verschillende organisaties. Regelmatig delen we een opvallende, grappige, inspirerende belevenis met u in de rubriek: HHM'ertje.
 


Collegialiteit op de vluchtstrook 
 
Pech! Een lekke band op weg naar een opdrachtgever. Ik sta nog geen tien minuten aan de kant van de weg en wil net de ANWB bellen als er een auto stopt. Er stappen twee collega’s uit. Ik ben op weg naar het noorden, zij komen er net vandaan. De ANWB is daarmee overbodig. Collega Erik-Jan stroopt zijn mouwen op, haalt de krik en het ‘thuiskomertje’ uit mijn kofferbak en nog geen kwartier later kunnen we allemaal weer verder. Ik krijg de auto van mijn collega’s aangeboden en zij rijden in mijn auto met het ‘thuiskomertje’ naar kantoor omdat dat dichterbij is dan de opdrachtgever waar ik naar op weg ben.

Door Lennart Homan 

Expertmeeting jeugd-ggz: jeugdwet of Wlz?

In het wetsvoorstel ‘Toegang Wlz voor mensen met een psychische stoornis’ staat dat jongeren (18-) met een psychische stoornis niet in aanmerking komen voor toegang tot de Wlz. Voor deze jongeren blijven gemeenten vanuit de Jeugdwet verantwoordelijk voor passende zorg en ondersteuning. Uit consultatiereacties blijkt dat meerdere partijen vinden dat jeugdigen met een psychische stoornis – die voldoen aan de zorginhoudelijke criteria – toegang zouden moeten krijgen tot de Wlz.
 
Tijdens het Algemeen Overleg met de Tweede Kamer over dit wetsvoorstel (d.d. 5 juli 2018) stelden Kamerleden vragen over het uitsluiten van jeugdigen met een psychische stoornis. De Staatssecretaris heeft toegezegd een expertmeeting te organiseren en de Kamer daarover eind 2018 te informeren.

De expertmeeting moet inzicht geven in aandachtspunten die worden ervaren in de praktijk op het gebied van toegang, beschikbaarheid, samenwerking en financiering. Daarbij komen ook verbeterpunten aan de orde. Bureau HHM begeleidt de expertmeeting.
 
Patrick Jansen: “Dit is voor ons een mooie opdracht. Vanwege onze brede kennis van de Wlz, Jeugdzorg en GGZ krijgen we de gelegenheid om vanuit de inhoud het goede gesprek te faciliteren. Met vertegenwoordigers van de overheid, gemeenten, cliënten, beroepsgroepen en zorgaanbieders brengen we alle invalshoeken in beeld.”

Meer informatie?
Neem contact op met Patrick Jansen, t. 053 433 05 48.
 

HHM’ertje – Komt tijd komt raad

NIEUW: HHM'ertje

Als adviseurs komen wij op veel verschillende plekken en binnen veel verschillende organisaties. Wekelijks delen we een opvallende, grappige, inspirerende belevenis met u in de rubriek: HHM'ertje.
 


Komt tijd komt raad 

Voor een Raad van Toezicht die zich wil beraden op de toekomst van de organisatie, maak ik een praatplaat. Het kost even wat breinbrekers om alle perspectieven in één figuur te krijgen. Mijn collega en ik hebben mooie discussies, over toekomstscenario’s die ten gunste komen aan de inwoners én een goede businesscase opleveren. De energie en ideeën bruisen over het whiteboard. Al met al kost het wèl iets meer tijd dan begroot. Vervolgens vragen we de voorzitter om feedback op het concept. Dat is altijd weer een spannend moment. Hij is enthousiast – en gaat direct akkoord. Voor het verwerken van de feedback is ook tijd begroot. We lopen daardoor mooi weer in én kunnen vol energie een heisessie in.
 
Door Sanja Bouman

 

 

HHM’ertje – Kleine kinderen

NIEUW: HHM'ertje

Als adviseurs komen wij op veel verschillende plekken en binnen veel verschillende organisaties. Regelmatig delen we een opvallende, grappige, inspirerende belevenis met u in de rubriek: HHM'ertje.
 


Kleine kinderen

Op het terras van een zorginstelling voor mensen met dementie zie ik twee mannen zitten. Ze lijken te genieten van het avondzonnetje. Dan komt een medewerksters aanlopen: “Meneer Hendriks, gaat u zo met mij mee… dan gaan we naar bed”. De man kijkt verbaasd op zijn horloge: “Het is pas half acht”. De medewerkster kijkt ook nog een keer op de klok. “Verrek, u heeft gelijk. Sorry, ik heb mij een uur vergist.” Als ze weer binnen is, kijkt meneer Hendriks zijn gezelschap hoofdschuddend aan: “Ze denken hier zeker, dat wij kleine kinderen zijn”. 
 
Door Nicole Brink

 

 

Bureau HHM zoekt talent

Sta jij aan de start van je carričre? Ben je geďnteresseerd in de zorg en het sociaal domein en nieuwsgierig naar het advieswerk? Wil je werken op het snijvlak van zorgorganisaties en gemeenten? En alles leren over samenwerkingsvraagstukken?

Wij hebben een uniek en uitdagend talentenprogramma ontwikkeld in samenwerking met diverse organisaties in de zorg. Je doet ervaring op bij verschillende zorg- of welzijnsorganisaties of gemeenten, zodat je een goed beeld krijgt van zaken die spelen binnen deze organisaties en gemeenten. Naast je werk volg je een intensief trainingsprogramma gericht op ketensamenwerking dat direct toepasbaar is in je werk!

Interesse?
Stuur je motivatiebrief en cv naar personeelszaken@hhm.nl. De eerste ronde van het talentenprogramma sluit donderdag 8 november. Is deze datum verstreken en wil je solliciteren op een later moment? Neem contact met ons op voor de mogelijkheden.

Bekijk de hele vacaturetekst voor het talentenprogramma.

HHM’ertje – Een vakje

NIEUW: HHM'ertje

Als adviseurs komen wij op veel verschillende plekken en binnen veel verschillende organisaties. Regelmatig delen we op onze website een opvallende, grappige, inspirerende belevenis met u in de nieuwe rubriek: HHM'ertje.
 


Eén vakje
Voor een onderzoek interview ik de ouders van een jongen met een verstandelijke beperking en autisme. Hun verhaal is indrukwekkend, met een voortdurende zoektocht naar passende zorg. Toch vertellen ze er heel rustig over. Dan komen we bij het onderwerp ‘administratieve lasten’. De toon verandert, hun irritatie is groot. Toen hun zoon een indicatie kreeg voor de Wlz, moesten ze alle pgb-overeenkomsten opnieuw invullen. Terwijl aan de zorgvraag en de zorgverleners (zes in totaal) niets is veranderd. Zelfs de formulieren zijn hetzelfde, er moet alleen één ander hokje worden aangekruist. Maar dat betekent wel zes formulieren volledig opnieuw invullen. Voor deze ouders (en vele andere) zou ik willen dat de systemen het leven van mensen volgen in plaats van andersom.


 

Hoe kom je samen tot verbeteringen in de zorg- en veiligheidsketen?

Leren van calamiteiten: de 10 succesfactoren van Bureau HHM

In mei 2016 overleed een baby in Middelburg, vermoedelijk als gevolg van kindermishandeling. De Inspectie voor de Gezondheidszorg, Inspectie Jeugdzorg en Inspectie Veiligheid en Justitie onderzochten het handelen van de betrokken organisaties en professionals. De conclusie van het onderzoek was dat de hulpverlening tekort had geschoten omdat de organisaties niet goed hadden samengewerkt. Zij kregen de opdracht om binnen drie maanden een verbeterplan met concrete maatregelen aan te leveren. Ook daarbij was samenwerken essentieel. Bureau HHM begeleidde de organisaties tijdens dit proces.
 
Het gezin waarin de baby werd geboren, kreeg hulp van verschillende organisaties. Zeven van de betrokken organisaties kregen de opdracht om een verbeterplan met concrete maatregelen aan te leveren. Bureau HHM begeleidde de verschillende partijen. De Inspecties waren positief over de voortvarendheid waarmee aan de slag was gegaan. Het gemeenschappelijke plan werd beoordeeld als concreet, ambitieus en realistisch.
 
Mieke Looman, adviseur bureau HHM: “De aanleiding was heel verdrietig, het overlijden van de baby had iedereen diep geraakt. Om binnen korte tijd tot verbeterplannen te komen was het zaak om samen op te trekken en constructief met elkaar aan de slag te gaan. In dit traject is een beroep gedaan op de gedeelde verantwoordelijkheid en het maatschappelijk belang. Het adagium was: kijken vanuit de belemmeringen naar wat wel mogelijk is om meer samenhang te creëren.”
 

<artikel gaat hieronder verder>

Bureau HHM formuleert 10 succesfactoren voor concrete resultaten in ketensamenwerking
 

1. Goed eigenaarschap
Zorg voor goed eigenaarschap: bepaal vooraf wie eindverantwoordelijk is voor het proces. Bij de calamiteit in Walcheren waren drie gemeenten betrokken. Zij spraken samen af dat de gemeente Middelburg in dit traject de regie-voerende gemeente was namens alle drie gemeenten. De gemeente Middelburg nam haar verantwoordelijkheid en rol in dit traject serieus. De betrokkenheid was hoog. Ook op bestuurlijk niveau. Zo was de verantwoordelijke wethouder aanwezig bij de start van verschillende bijeenkomsten.

2. Platte projectstructuur
Om snel stappen te kunnen zetten, helpt een platte projectstructuur waarin iedere deelnemer open kan communiceren en snel besluiten kunnen worden genomen. Op Walcheren werkten we met een opdrachtgroep én een brede groep. De opdrachtgroep bestond uit vertegenwoordigers van de organisaties die van de Inspectie opdracht hadden gekregen om een verbeterplan te schrijven. De brede netwerkgroep bestond uit vertegenwoordigers van de andere organisaties in de keten die geen expliciete opdracht hadden gekregen van de Inspectie, maar wel betrokken waren bij de calamiteit. De opdrachtgroep werkte aan de plannen die vervolgens aan de brede groep werden voorgelegd en getoetst op draagvlak.

3. Deelnemers met mandaat
Om in korte tijd resultaat te boeken is het essentieel dat de deelnemers beslissingsbevoegd zijn namens hun organisatie. Als voorstellen eerst terug moeten worden gekoppeld binnen organisaties gaat er te veel tijd verloren en kan ruis ontstaan. Er kon in de opdrachtgroep snel gewerkt worden en iedere deelnemer zorgde zelf voor de borging en afstemming in de eigen organisatie.

4. Betrek de hele keten
De keten rondom zorg en veiligheid is groot. Er zijn veel partijen die een rol spelen in een situatie zoals van dit gezin. Niet alle betrokken partijen kregen een opdracht van de Inspectie. Toch hebben we alle partijen betrokken bij de ontwikkeling van de verbeterplannen. Het ging immers om betere samenwerking en regie. De deelnemers stelden dit zeer op prijs. Er is daardoor een vruchtbare bodem gelegd voor de implementatie van de plannen.

5. Onafhankelijke procesbegeleiding
Leg de verantwoordelijkheid voor de verbeterplannen bij elke organisatie zelf.  De aanwezigheid van een onafhankelijk procesbegeleider maakte het voor de gemeente Middelburg gemakkelijker om in de opdrachtgroep te participeren vanuit haar eigen opdracht van de Inspectie. De gemeente maakt immers ook deel uit van de keten. De onafhankelijke procesbegeleider kon op verzoek van de deelnemers van de opdrachtgroep objectief feedback geven op de individuele verbeterplannen van de organisaties. Bij het toetsen werden onder meer  de criteria van de inspectie gebruikt: concreet, realistisch, haalbare termijn en ambitieus.

6. Zorg voor ontmoeting
Onbekend maakt onbemind. Zorg er daarom voor dat deelnemers elkaar ontmoeten en faciliteer het gesprek zo dat iedereen zich gehoord voelt.
Op Walcheren waren er vier bijeenkomsten met de opdrachtgroep en twee bijeenkomsten met de brede groep. Tijdens het proces groeiden de deelnemers naar elkaar toe en ontstond er meer onderling begrip. Ook al zijn er veel digitale mogelijkheden om met elkaar samen te werken. De ontmoeting daarin bleek ook in dit proces erg belangrijk en de meerwaarde hiervan werd positief geëvalueerd. Nu is het van belang om de opgebouwde relaties in stand te houden door deelnemers ook een rol in het vervolg te geven bijvoorbeeld als ambassadeurs of klankbordgroep tijdens de implementatie van de plannen.

7. Kijk naar wat wél kan
Wettelijk gezien zijn de zorg- en veiligheidsketen van elkaar gescheiden. Dat hoeft echter niet direct te betekenen dat ze in de praktijk ook ver van elkaar afstaan. Kijk waar je praktische verbindingen kunt leggen zodat ze goed op elkaar aansluiten en je elkaar vanuit de verschillende ketens betrekt en op de hoogte houdt. Op Walcheren werd tijdens de eerste bijeenkomst veel tijd besteed aan de wat niet mogelijk was. Dit is gekanteld naar: wat kan er wel. Bij het maken van afspraken over casusregie behoudt een ieder zijn professionele verantwoordelijkheid en wettelijke taak en bevoegdheden. Er blijkt veel meer mogelijk als je vanuit een gezamenlijk plan werkt en goed afstemt.

8. Strakke planning
Hanteer een strakke planning: laat plannen snel opleveren zodat er veel tijd is om af te stemmen en van elkaar te leren. In dit traject hebben we na twee weken al om verbeterplannen van elke afzonderlijke organisatie gevraagd. Dat werd in eerste instantie als vroeg ervaren door verschillende partijen, ze hadden immers drie maanden gekregen van de inspectie, maar achteraf bleek dit juist de manier om voldoende tijd te creëren om gebruik te maken van elkaars kennis en ervaring én om te komen tot integrale verbeterpunten.

9. Vergelijkbare manier van werken
Stel vooraf een format voor waarin elke organisatie de verbeterplannen opstelt. Dan is de input van de verschillende organisaties goed vergelijkbaar. Bureau HHM destilleerde de integrale verbeterpunten om vervolgens met de groep te bespreken wie waar de regie kon pakken en welke veranderideeën ook toepasbaar waren binnen andere organisaties of de hele keten.

10. Betrokkenheid vasthouden
Reserveer voldoende tijd om tijdens het hele proces de betrokkenheid van alle deelnemers vast te houden. Praat deelnemers die niet bij alle bijeenkomsten kunnen zijn bij. Bijvoorbeeld door uitgebreid telefonisch terugkoppeling te geven en voorstellen te toetsen. Een van de deelnemers aan de opdrachtgroep kwam met de metafoor van een kruiwagen met kikkers die alle kanten op sprongen. De rol van de procesbegeleider was er om alle kikkers in de kruiwagen te houden.
 
Het is nu aan de organisaties en de drie Walcherse gemeenten om de verbeterplannen te vertalen in acties en vervolgens te ‘doen wat we hebben afgesproken’. Om de verbeteringen te realiseren is een implementatie-agenda opgesteld. De partijen blijven elkaar ontmoeten.
 
Meer weten?
Neem gerust contact op met Mieke Looman of Lonneke Bruin,t. 053 433 05 48.
 
Meer lezen?
Inspectierapport ‘Onderzoek naar aanleiding van het onverwacht overlijden van een baby’ 
 
Oplegnotitie gezamenlijke verbeterplannen 

 
 

Tijd voor een structurele oplossing voor ondervoeding bij kwetsbare ouderen

Een op de drie kwetsbare ouderen die nog thuis wonen is ondervoed. Uit onderzoek van het televisieprogramma De Monitor blijkt dat zo’n tachtig procent van de wijkverpleeg-kundigen bij ouderen thuis komt die hulp nodig hebben bij het eten en drinken, maar deze hulp niet krijgen omdat niet helder lijkt wie die hulp moet financieren: de gemeenten of de zorgverzekeraars. Dit verbaast bureau HHM met name omdat dit probleem al langer speelt en er verschillende goede voorbeelden zijn. Hoe kan het dat deze voorbeelden de weg naar de uitvoering nog niet gevonden hebben?
 
Uit het onderzoek van de Monitor blijkt nu dat ondervoeding bij kwetsbare ouderen toch nog op grote schaal voorkomt en dat lang niet alle verzekeraars hetzelfde beleid voeren. In de uitzending van 25 september j.l. wordt een zorgverzekeraar gebeld door een mevrouw die zich zorgen maakt om haar broer met Alzheimer. Hij is niet in staat is om zelf voldoende te eten en drinken. De zorgverzekeraar antwoordt dat ze bij de gemeente moet zijn tenzij sprake is van een ziekenhuisopname door uitdroging. “Dat vergoeden wij wel. Ik snap dat de kosten dan veel hoger zijn, maar dit zijn de voorwaarden die gelden.” Van de gemeente krijgt mevrouw te horen: “Ik kan een aanvraag voor u doen, een melding maken en dan kan het acht weken duren.”
 
Om te voorkomen dat een man als deze aan zijn lot wordt overgelaten zijn er veel zorgprofessionals die pragmatisch omgaan met de regels. Zo blijkt veertig procent van de ondervraagde wijkverpleegkundigen de indicatie te verruimen om de hulp bij het eten en drinken toch vergoed te krijgen. Als dit niet lukt dan probeert men soms creatief te zijn met de invulling van de uren.
 
Eline Lubbes herkent dit. Zij werkte ten tijde van de decentralisaties in de thuiszorg. “Ik kwam dagelijks bij een mevrouw die erg pijnlijke handen had. Als ze zelf haar maaltijden moest bereiden kostte haar dat zoveel kracht dat ze de rest van de dag bijna niets meer kon. Ik bereidde daarom haar maaltijden. Zo kon zij nog een keer een puzzel maken of de krant lezen. Na de decentralisaties mocht ik haar maaltijden niet meer verzorgen. Soms bleef ik daarom minder lang bij iemand anders of deed een andere handeling in zo’n hoog tempo dat er nog net tijd overbleef om een boterham te smeren. Of ik deed het in mijn eigen tijd. Ik ben verbaasd dat dit probleem na drie jaar kennelijk nog zo groot is. De verwachting is bovendien dat het probleem alleen maar groter wordt nu ouderen langer thuis blijven wonen.”
 
Wij volgen de lijn die de minister voorstelt, namelijk het probleem in de praktijk met elkaar oplossen. De wettelijke kaders bieden hier voldoende ruimte voor. De komende tijd zullen wij terugkomen met voorbeelden van regio’s waarin het probleem van hulp bieden bij de maaltijd in de thuissituatie – maar ook andere grensvlakdiscussies – op een goede en doelmatige manier worden opgepakt.
 
Bent u ook verbaasd? En denkt u dat het in uw gemeente ook beter of anders kan? Of heeft u voorbeelden van concrete oplossingen rondom grensvlakdiscussies? Neem dan contact op met Eline Lubbes of Patrick Jansen. Zij maken zich hier graag hard voor.

Bureau HHM legt basis voor toekomstbestendige zorg Groningen

 
Minister Hugo de Jonge van VWS heeft op 8 oktober in Groningen de presentatie bijgewoond van de visie voor toekomstbestendige zorg in de aardbevingsregio in Groningen. Volgens de minister is de opdracht in de komende jaren om – naast de versterkingsopgave en ondanks krimp van de beroepsbevolking en vergrijzing – de zorg beschikbaar, bereikbaar en betaalbaar te houden.

Bureau HHM heeft op verzoek van de Nationaal Coördinator Groningen (NCG) een toekomstperspectief voor de zorg in de aardbevingsregio gemaakt. Daarmee is de basis gelegd voor de visie van de Stuurgroep Zorg in de aardbevingsregio.

Patrick Jansen, partner bureau HHM: “In het aardbevingsbied in Groningen doet zich de kans voor om zorgvastgoed versneld en op duurzame wijze aan te passen. Dat kan betekenen dat gebouwen worden versterkt maar er kan ook worden gekozen om vastgoed dat aardbevingsschade heeft opgelopen te slopen en kleinschalige verblijfsvoorzieningen te bouwen.”

Bureau HHM pleit voor een gebiedsgerichte benadering, spreiding van generalistische verblijfsvoorzieningen en centralisatie van specialistische verblijfsvoorzieningen. Tevens wordt geadviseerd nieuwe vastgoedconcepten voor wonen en zorg te ontwikkelen. “En door nauw samenwerken tussen sectoren wordt kennis en expertise van verschillende sectoren efficiënt ingezet. Hierdoor vergroten de kansen om de zorg voor de regio beschikbaar te houden, zowel in kwantitatieve als in kwalitatieve zin. Samenwerking verbreedt daarnaast het blikveld van de verschillende stakeholders, waardoor nieuwe samenwerkingsverbanden ontstaan”, aldus Jansen.
 
Meer lezen?
Toekomstperspectief op zorg in de aardbevingsregio 

 
 
 
 

HHM Deed

Wij helpen organisaties in de zorg en het sociale domein. Dit doen we door het uitvoeren van onderzoek, samen te werken bij de transformatie en het ontwikkelen van innovatieve oplossingen. In de rubriek HHM deed houden we u op de hoogte van onze afgeronde projecten. Als een project leidt tot een openbaar eindrapport, dan kunt u dat direct downloaden.
 
Meer weten? Neem dan gerust contact op met een van de betrokken adviseurs.


Klantervaringen in beeld – gemeente Breda

De gemeente Breda wil een onafhankelijk beeld van de klantwaardering van Zorg voor elkaar Breda. Ze wil graag weten wat de toegevoegde waarde is van de verschillende activiteiten.
 
Wij brachten dit in kaart door middel van telefonische interviews en klankbordgroepen. Ook onderzochten we hoe de verschillende activiteiten de zelfredzaamheid van cliënten vergrootten. Tot slot ontwikkelden we een blauwdruk om toekomstige ervaringsonderzoeken zelf uit te kunnen voeren. In totaal zijn driehonderd klanten gesproken over acht (meest gebruikte) activiteiten. Er zijn focusgroepen georganiseerd rondom de thema’s: armoede, statushouders en wijknetwerkers.
 
Adviseurs: Stacey Hulst en Sylvia Schutte.
 


Second opinion gebruikte tarieven jeugdhulp

Een gemeente wil graag een second opinion van de tarieven binnen de jeugdhulp Ze wil graag een onderbouwde berekening van een reëel minimum en maximum tarief per productgroep. En een berekening van de minimale en maximale effecten van een eventuele aanpassing van de tarieven. 

We bouwden de tarieven op aan de hand van een kostprijsmodel dat is gebaseerd op de AMvB ‘Reële Tarieven’, zoals die voor de gemeenten geldt bij de Wmo-dienstverlening. Met dit model is een reële kostprijs voor elk product vastgesteld; op sommige parameters werd een bandbreedte gehanteerd, zodat een minimaal en een maximaal tarief werd berekend. De gehanteerde parameterwaarden zijn afkomstig uit een combinatie van vergelijkbaar onderzoek door HHM in andere regio’s en een eerder kostprijsonderzoek van deze gemeente.

Adviseurs: Peter Bakker en Mike Koers.
 


Formatieberekening toegang

Een gemeente wil de toegang tot de Wmo en de Jeugdhulp verzelfstandigen en heeft daarom behoefte aan inzicht in de benodigde formatie. De huidige formatie van het toegangsteam is in 2015 berekend op een aantal aannames. De gemeente wil graag een second opinion nu een aantal jaar ervaring is opgedaan.
 
Bureau HHM is gevraagd objectief te kijken naar de gehanteerde normen en methodiek voor de formatie- en caseloadberekening en te onderzoeken of er kansen zijn voor procesoptimalisatie en wat daar dan precies voor nodig is. Hieruit bleek dat de benodigde formatie iets hoger ligt dan de huidige formatie.
 
Het onderzoek richtte zich op verschillende teams. Uit deze teams zijn een aantal verbetersuggestie voor de werkprocessen opgehaald.  Met die optimalisaties kan een aantal taken efficiënter worden uitgevoerd, waarmee op termijn wellicht een ‘besparing’ van 1-2 fte mogelijk is. Omdat het optimaliseren tijdelijk een extra inspanning vergt, adviseren we de gemeente om eerst de basisformatie op orde te brengen. Vanuit daar kunnen een aantal optimalisaties opgepakt worden.
 
Adviseurs: Albertus Laan en Peter Bakker.
 


Ondersteuning ontwikkeling dagbesteding gemeente Epe

De gemeente Epe bezint zich op de inrichting van de dagbesteding in de gemeente. Bureau HHM bood bij dit proces – als onafhankelijke derde- inhoudelijke en procesmatige ondersteuning.
 
Komen tot een nieuwe inrichting van de dagbesteding is een uitdagend proces. Hierbij komen vragen over maatwerkvoorziening, algemene voorziening en populatiebekostiging aan de orde. De belangen, kansen en risico’s van/voor de inwoners/cliënten, aanbieders, welzijnsorganisatie en de gemeente spelen een rol. Herinrichting van de dagbesteding is ook onderdeel van de algehele transformatie in het sociaal domein  Epe werkt nu samen met de partijen projectplannen uit om deze ontwikkeling verder in gang te zetten.
 
Marco: “Door samen goed door te praten over wat iedereen kan en wil, in het belang van de inwoners van Epe, zijn mooie perspectieven ontstaan op brede samenwerking tussen veel verschillende partijen met elkaar!”
 
Adviseurs: Nico Dam en Marco Wolves.
 


Training financiering langdurige zorg

In vijf dagdelen namen we deelnemers mee in de financiering van de langdurige zorg, zowel rondom de ondersteuning thuis als intramuraal bij een zorgaanbieder. Deelnemers leerden de verschillende financieringsstromen kennen en kregen inzicht in de verschillende manieren van bekostiging en de invloed daarvan op de cliënt. Daarnaast bespraken we de rol en positie van aanbieders.
 
De rode draad in deze training is een gezinssituatie waarbij de gezinsleden verschillende zorgvragen hebben. Daarbij doorlopen we het proces van hulpvragen van een cliënt, de toegang tot de zorg en ondersteuning die hij/zij ontvangt en het opstellen van een zorgplan bij de aanbieder en de financiering daarvan. In de meer beleidsmatige onderdelen reflecteren we op de vraag ‘hoe heeft het gezin hier baat bij?’.
 
Wij combineren bij ieder onderdeel theoretische kennis met praktijkvoorbeelden en actieve werkvormen. Bijvoorbeeld ons zorgwettenspel, formatie en kostprijzen berekeningen, rollenspel onderhandeling en ervaringsleren. Dit bevordert het leerproces en maakt de theorie toepasbaarder in de praktijk.
 
Adviseurs: Maartje Hanning en Evelien Rijken
 


Jaarverslag ‘t Slot

Bij Zorgcentrum ’t Slot staat het welbevinden van bewoners voorop. Bewoners geven zelf aan wat kwaliteit van leven voor hen inhoudt. ’t Slot ondersteunt hen hierbij. ’t Slot was op zoek naar een nieuwe, compacte en frisse vorm voor het jaarverslag. Bureau HHM verzorgde het ontwerp en de inhoud.

De input voor deze inhoud werd aangeleverd door ’t Slot zelf. Omdat we de inhoud kennen en in onze projecten altijd proberen resultaten op een inspirerende manier terug te geven, was dit een opdracht die goed bij ons past. Eentje die we met veel plezier uitvoerden. Benieuwd naar het resultaat?
 
Jaarverslag ’t Slot 2017
 
Adviseur: Evelien Rijken.
 


Evaluatie stelsel jeugdhulp Enschede

Bureau HHM evalueerde het jeugdhulpstelsel van de gemeente Enschede. Voor het onderzoek voerden we gesprekken met vertegenwoordigers van de gemeente Enschede. Ook spraken we met belangrijke partners, waaronder verwijzers en aanbieders van zorg en ondersteuning, bestudeerden we documenten en analyseerden we cijfers over het gebruik van jeugdhulp. De uitkomsten van het onderzoek liggen in lijn met de uitkomsten van de landelijke evaluatie van de jeugdwet.

Uit het onderzoek komt naar voren dat de gemeente Enschede de afgelopen jaren goed in staat is gebleken om hulpvragen van jeugdigen en opvoeders te beantwoorden. Er waren nauwelijks wachtlijsten en ook deden zich geen excessen voor. Wijkteams kunnen hulpvragen steeds beter en sneller signaleren, als gevolg van contacten die zij hebben opgebouwd met partners in wijken. Tegelijk blijkt dat de transformatie van de zorg en ondersteuning nog grotendeels vorm moet krijgen. In de gemeente Enschede gaat het daarbij om investeringen in preventie en voorliggende voorzieningen, om doorontwikkeling van de wijkteams en om innovatie van de tweedelijns hulpverlening. Dit moet gebeuren met een afnemend budget en tegen de achtergrond van oplopende financiële tekorten. De uitdaging voor de komende jaren is dan ook invulling geven aan een inhoudelijke dialoog met partners over wat in welke situatie passende zorg en ondersteuning is en wat de gezamenlijke ontwikkelopgaven zijn. De wijze waarop de jeugdhulp vanaf 2019 wordt ingekocht (integraal en resultaatgericht, met inhoudelijke ontwikkeltafels) biedt daarbij een grote kans om de benodigde transformatie een impuls te geven.

Adviseur: Albertus Laan.
 


Benieuwd aan welke projecten we nog meer werk(t)en? In onze DRIVE kunt aan de hand van trefwoorden zoeken in ons werk.

Schrijf u in voor onze nieuwsbrief en blijf op de hoogte van actuele zaken in de zorg en het sociale domein. 

HHM’ertje – Zweetvoeten

NIEUW: HHM'ertje

Als adviseurs komen wij op veel verschillende plekken en binnen veel verschillende organisaties. Regelmatig delen we op onze website een opvallende, grappige, inspirerende belevenis met u in de nieuwe rubriek: HHM'ertje. De eerste uit de reeks:
 


Zweetvoeten
Een veelgehoorde uitspraak is dat je niet in beschermd wonen of de maatschappelijke opvang zit "vanwege zweetvoeten". Kortom: het gaat vaak om complexe hulpvragen. Dit ondervind ik als ik een dag meeloop bij de Brede Centrale Toegang. Een keurig geklede heer meldt zich voor de nachtopvang. "Wat doet deze man hier?" denk ik bij mezelf. Tijdens het gesprek met de toegangs­-medewerker kijkt hij richting de lege ruimte naast hem en mompelt wat. “Wat zegt u meneer?” Hij antwoordt: “Oh, ik had het niet tegen jou”. Ik realiseer het me direct. Ik ben in de valkuil getrapt en recht op het uiterlijk afgegaan!
 


 

Achterhoek inspireert met regionale aanpak uitstroom beschermd wonen

Steeds meer mensen die beschermd wonen, vinden hun weg naar een eigen woning. De taak om voldoende woningen en goede hulp voor deze mensen te garanderen, ligt op dit moment nog bij de centrumgemeenten. In de Achterhoek is dit de gemeente Doetinchem. Vanaf 2021 zijn de afzonderlijke gemeenten hiervoor verantwoordelijk. Dat vraagt om een goede regionale aanpak. In de Achterhoek zijn ze daar volop mee bezig. Lennart Homan van bureau HHM begeleidt dit proces. Samen met Els Birkenhäger van Sité Woondiensten vertelt hij hier meer over dit project in een interview voor de Gelderse website Wonen en Ruimte.

Meer weten?
Neem contact op met Lennart Homan, t. 053 433 05 48.
 

Prinsjesdag 2018

Komend jaar is er 71 miljard euro beschikbaar voor de zorg. Dat werd bekend tijdens de presentatie van miljoenennota en rijksbegroting. Bureau HHM zet de highlights voor u op een rij.

Ouderenzorg
De extra middelen voor de ouderenzorg gaan onder andere naar investeringen in het kwaliteitskader verpleeghuiszorg. Zodat ouderen kunnen vertrouwen op voldoende tijd, aandacht en goede zorg, thuis of in het verpleeghuis. De regering neemt daarnaast initiatieven om eenzaamheid onder ouderen tegen te gaan. Zoals in de Troonrede gezegd: ‘We mogen niet berusten in het feit dat meer dan de helft van de 75+ers zegt zich eenzaam te voelen.’ 

Kwetsbare groepen
Het kabinet wil kwetsbare groepen meer vaste grond onder de voeten geven: ‘we mogen ook niet accepteren dat mensen met problematische schulden, personen met verward gedrag en een groeiend aantal zwerfjongeren aan de rand van de samenleving komen te staan. ’ Samen met provincies, gemeenten en lokale organisaties wil het Rijk coalities vormen om mensen uit hun isolement te halen en nieuwe kansen te geven.’
 

Zorg betaalbaar houden
Dat de zorgkosten stijgen is niet te voorkomen. Het ministerie van VWS wil deze stijging afremmen. Daarom zijn er nieuwe afspraken (vanaf 2019) gemaakt rondom o.a. de medisch-specialistische zorg, de ggz, de wijkverpleegkundigen en huisartsen:
 

 
Bron: Rijksoverheid.nl
 
Stapelen eigen bijdragen
Wie lang zorg en ondersteuning nodig heeft betaalt soms verschillende eigen bijdragen die op kunnen lopen tot wel honderden euro’s per maand. Het Rijk wil de stapeling van eigen bijdragen aanpakken. Om de zorg voor mensen toegankelijk te houden wil het Rijk naast de stapeling van eigen bijdrage tegengaan ook het verplichte maximale eigen risico niet verhogen, de vermogensinkomensbijtelling in de eigen bijdrage Wlz halveren en een abonnementstarief invoeren voor Wmo-voorzieningen

Subsidievouchers voor hulp bij aanpak mensen met verward gedrag

Om te komen tot een goed werkende aanpak voor mensen met verward gedrag en hun omgeving is er het actieprogramma lokale initiatieven voor mensen met Verward Gedrag (AVG) van ZonMw. Binnen dit programma zijn nu subsidievouchers beschikbaar die u kunt inzetten om externe ondersteuning in te huren van de Vliegende Brigade +.

De Vliegende Brigade + kan regio’s op verschillende manieren ondersteunen:

  • Ondersteuning en begeleiding om afspraken te stimuleren, te versnellen en implementatie te bevorderen of te realiseren in het kader van een passende aanpak voor personen met verward gedrag.
  • Benutting van alles wat al in de regio in gang is gezet, en bij het borgen van datgene dat nog moet worden ontwikkeld.
  • Begeleiding van borgingsafspraken door de betrokken partijen, waaronder het ondersteunen van de organisatie- en governance structuur.

 
Nico Dam en Mieke Looman van bureau HHM maken onderdeel uit van De Vliegende Brigade +. Zij helpen u graag bij het ontwikkelen van een sluitende aanpak voor personen met verward gedrag, t. 053 433 05 48.

 

 

Eline Lubbes zet zich Europees in voor de volksgezondheid

De hervorming van de toekomst van de volksgezondheid in Europa; onze collega Eline Lubbes denkt erover mee als commissielid van het Europees Parlement voor Volks­gezondheid (European Health Parliament, EHP). Dit jaar gaat de vierde versie van het EHP van start, een platform van 55 jongeren uit Europa met verschillende achtergronden.

Met als doel het hervormen van de toekomst van de volksgezondheid in Europa, werken de commissieleden gedurende zes maanden samen op vrijwillige basis in vijf verschillende commissies. De commissies zijn georganiseerd rondom verschillende thema’s zoals: preventie en zelfzorg, digitalisering van de zorg en strategische personeelsplanning. De commissieleden komen regelmatig samen in Brussel en delen daarbij ideeën met andere EU-medewerkers, politici, NGO’s en de media. Het eindproduct van de commissie is een gedragen politiek advies, welke in de laatste plenaire bijeenkomst gedeeld wordt met politici en de volksgezondheid community uit de E28. Het ultieme doel is dat deze politieke adviezen geïmplementeerd kunnen worden door de Europese Commissie of door nationale overheden kunnen worden gebruikt als een wetsvoorstel.

Eline kijkt er naar uit om zich Europees in te zetten voor beter gezondheidszorg: “Voor een Unie, waarin zoveel expertise en kennis over gezondheidszorg beschikbaar is, is het soms lastig te begrijpen dat de zorg – op bepaalde vlakken – achterloopt op de rest van de wereld. Er zijn veel goede ideeën beschikbaar over hoe de gezondheidszorg beter kan, maar het gebeurt nog te vaak dat deze ideeën geen kans krijgen. Het is noodzakelijk dat een groep mensen opstaat om deze kennis te verbinden met politiek, om zo de gezondheid van de mensen in Europa te kunnen verbeteren. Het European Health Parliament is zo’n club die kennis verbindt met politiek, van de werkvloer tot aan de Europese Commissie, en zo tracht een verandering tot stand te brengen. Aandachtspunten in de zorg – zoals vaccinatiegraad maar ook personeelstekort – geven nu eenmaal niet om landsgrenzen en daarom is het van belang hier vanuit een breder perspectief naar te kijken. Ik zie er naar uit om komend half jaar mijn kennis en kunde van het Nederlandse zorglandschap in te zetten, om zo ook mijn steentje bij te dragen aan de Europese volksgezondheid.”

Meer weten?
Eline vertelt u graag meer, t. 053 – 433 05 48.

Meer lezen?

https://www.healthparliament.eu

https://twitter.com/healthparl

https://www.linkedin.com/company/european-health-parliament/

 

Werkwijzer medisch noodzakelijk verblijf ggz

Patiënten zitten soms onnodig lang in een instelling voor geneeskundige ggz. Ze kunnen niet naar huis omdat de noodzakelijke ambulante zorg of de noodzakelijke vervolgvoorzieningen in het sociaal domein ontbreken. Om te stimuleren dat patiënten op tijd en verantwoord de instelling kunnen verlaten, heeft bureau HHM in opdracht van GGZ Nederland, MIND, VNG en ZN de Werkwijzer medisch noodzakelijk verblijf ggz opgesteld. De Werkwijzer maakt duidelijk welke afspraken in de regio nodig zijn om de overgang van verblijf in een ggz instelling naar ggz zorg thuis te verbeteren.

Huidig gebruik, wachttijden en wachtlijsten Casemanagement Dementie

Van de circa 205.500 mensen die met dementie thuis wonen in Nederland, maken er 62.000 gebruik van Casemanagement Dementie (CMD). Dat blijkt uit onderzoek van bureau HHM. Daarnaast staan er 1.136 mensen op een wachtlijst. Hiervan wachten 496 mensen langer dan zes weken (de Treeknorm). De gemiddelde wachttijd bedraagt 33 dagen.
 
De gerapporteerde wachtlijsten zijn ten opzichte van vorige jaren afgenomen en er zijn minder regio’s met wachtlijsten (22). Bovendien zijn de wachtlijsten over het algemeen korter dan voorheen.

Bureau HHM onderzocht de wachttijden en wachtlijsten voor Casemanagement Dementie in opdracht van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS). Ook de redenen voor het bestaan van wachtlijsten en de redenen om geen gebruik te maken van CMD werden in kaart gebracht.

Redenen wachtlijsten

  1. De maximale caseload van de huidige casemanagers is bereikt
  2. Door ziekte of verlof zijn op dit moment niet alle casemanagers beschikbaar
  3. Er zijn onvervulde vacatures voor casemanagers, deze zijn moeilijk in te vullen door het algemene tekort aan verpleegkundigen niveau 5
  4. Verzwaring van de zorg vraagt per cliënt meer tijd (bijvoorbeeld meer crisis- en spoedsituaties), waardoor de caseload lager is dan voorzien

 Redenen om geen gebruik te maken van CMD (% regio’s)

  1. Er is onbekendheid over het bestaan van CMD bij cliënten en of mantelzorger (18%)
  2. De cliënt heeft geen behoefte aan CMD (15%)
  3. De diagnose wordt pas laat gesteld (12%)
  4. De cliënt is niet bekend bij zorgaanbieders (12%)
  5. De cliënt wil zelf de regie behouden/ is bang de regie te verliezen (11%)

 
Vanaf 1 december 2018 zijn aanbieders verplicht om maandelijks eenduidige wachtlijstcijfers op te leveren. De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) stelde hiervoor een nadere regel in. Volgens deze regel staat iemand op de wachtlijst wanneer hij of zij langer dan zes weken moet wachten op toegang tot casemanagement.
Deze regel vormde de aanleiding voor het ministerie van VWS om dit onderzoek te laten doen zodat zij de Tweede Kamer kan informeren over de huidige stand van zaken.
 
Het complete rapport Onderzoek naar het huidig gebruik, wachttijden en wachtlijsten Casemanagement Dementie 2018 is inmiddels aan de Tweede Kamer aangeboden.
 
 “De resultaten geven een helder beeld van de huidige situatie. De reeds met partijen afgesproken vervolgacties sluiten hier goed op aan. Zo zal worden ingezet op goede informatievoorziening, wordt in kaart gebracht hoe eventuele problemen bij verwijzen en aanmelden kunnen worden opgelost en zullen de inspanningen om wachtlijsten volledig terug te dringen worden voortgezet”, aldus Hugo de Jonge, minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport in een kamerbrief over het rapport.
 
Onderzoeksaanpak
Het onderzoek werd in samenwerking met de NZa uitgevoerd, zodat de resultaten zo goed mogelijk aansluiten bij de nadere regel. Partijen in de regio werden actief bij het onderzoek betrokken. Voorafgaand hield bureau HHM samen met de NZa regiobijeenkomsten waar tijdens vragen konden worden gesteld over de onderzoeks-aanpak en de nadere regel.
Lennart Homan, adviseur binnen bureau HHM: “Dit hielp ons niet alleen om blinde vlekken in kaart te brengen maar zorgde ook voor inzage in de samenstelling van de verschillende ketens en voor goed contact met de ketenvertegenwoordigers. Hierdoor konden we het onderzoek in een zeer korte doorlooptijd – van 4 maanden – succesvol afronden. De bijeenkomsten werden bovendien gebruikt om het kwalitatieve deel van het onderzoek uit te vragen. De resultaten uit de bijeenkomsten toetsten we vervolgens bij Alzheimer Nederland. In totaal bezochten vertegenwoordigers van circa zestig aanbieders een regiobijeenkomst.”
 
Patrick Jansen, partner bureau HHM: “We brachten de resultaten regionaal in kaart. Hierdoor kunnen de uitkomsten door aanbieders gebruikt worden om het casemanagement dementie in de regio te optimaliseren.”

Ervaring wachtlijstonderzoeken
Bureau HHM heeft ruime ervaring met wachtlijstonderzoeken. In 2000 onderzochten wij de wachtlijsten voor verpleging en verzorging. Het was voor het eerst dat deze informatie, gebaseerd op uniforme productdefinities, landelijk beschikbaar kwam. In de jaren die volgden voerden we meerdere wachtlijstonderzoeken uit o.a. naar wachtlijsten in de GGZ (2002), gehandicaptenzorg (2009) en nogmaals naar de wachtlijsten in de verpleging en verzorging (2009) en naar de wachtlijsten in de Wlz (2016).  
 
Meer weten?
Neem dan contact op met Patrick Jansen of Lennart Homan, t. 053 433 05 48.
 

Huishoudelijke hulp

Op dit moment is er landelijke aandacht voor de normering voor de huishoudelijke hulp. Nico Dam kent de problematiek goed.

Nico: “We hebben kennis genomen van de berichtgeving over de rapportages die HHM en KPMG/Plexus hebben opgesteld voor de gemeenten Amsterdam en Utrecht. We kennen de kanttekeningen die in een onderzoek van de UVA, vanuit een sociaalwetenschappelijk perspectief geplaatst zijn bij onze (toegepast bedrijfskundige) aanpak. Wij zijn overtuigd van de zorgvuldigheid, objectiviteit en onafhankelijkheid van de betreffende onderzoeken en we zien de uitspraken van de verschillende rechtbanken met vertrouwen tegemoet. Naar verwachting zal de CRvB eind oktober vonnissen in de zaken die volgende week aan de orde komen.”
 
Meer informatie?
Nico Dam of Sanja Bouman, t. 053 433 05 48.
 

Van Wmo-maatwerkvoorzieningen naar algemene voorzieningen in Oosterparkwijk Groningen

Oosterparkwijk Groningen krijgt een wijkcentrum in de monumentale Siebe Jan Boumaschool. Samen met (bewoners)organisaties en instellingen uit de Oosterparkwijk onderzocht het team van Care2Share de haalbaarheid van de herbestemming van de school tot verbindend wijkcentrum. Care2Share is een vernieuwend en integraal concept voor zorg en ondersteuning in een toekomstbestendige Oosterparkwijk in Groningen ontwikkeld door NOHNIK, Stadkwadraat, Beweegstrategie en bureau HHM.
 

Het haalbaarheidsonderzoek is de uitwerking van onze winnende visie voor de prijsvraag Who Cares (Rijksbouwmeester, 2017) en een bestaand initiatief van bewoners- en wijkorganisaties. In het onderzoek, uitgevoerd in opdracht van de gemeente Groningen, is bekeken hoe het rijksmonumentale gebouw de diverse functies en voorzieningen die het wijkcentrum moet bieden, kan huisvesten.
 
De Oosterparkwijk telt ruim twaalfduizend wijkbewoners. Het nieuwe wijkcentrum moet een bruisend sociaal ontmoetingspunt worden. In het plan is ruimte voor ateliers, ontmoetingsruimten, zalen, een wijkrestaurant en daarnaast kantoren voor de verschillende organisaties. Ook is gekeken naar mogelijkheden om toe te werken naar een energieneutrale accommodatie.
 
Het voorgestelde wijkcentrum is bedoeld als een duurzame verbinder en katalysator voor bestaande initiatieven op het sociale- en zorgdomein voor de hele wijk. Het draagt bij aan de gewenste omslag van Wmo-maatwerkvoorzieningen naar algemene voorzieningen. Tevens kan het Wijkcentrum een zogenaamde ‘social return’ opleveren als vrijwilligers en werkzoekenden uit de wijk de werkzaamheden in en rondom de accommodatie uitvoeren. Zo leidt het wijkcentrum tot een sterkere sociale cohesie, een verhoogde leefbaarheid en effectieve preventieve kostenbesparingen.

Meer weten?
Neem dan contact op met Patrick Jansen, t. 053 433 05 48.

Werkbezoek Hugo de Jonge persoonsvolgende zorg

De keuze van de cliënt vereenvoudigen en de zorg beter aansluiten op de wensen en behoeften, dat is het doel van het experiment Persoonsvolgende Zorg voor ouderen in Zuid-Limburg. Maandag 13 augustus kon Hugo de Jonge, minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, met eigen ogen zien hoe daar de ouderenzorg verandert dankzij dit experiment. Aan verschillende dialoogtafels ging de minister in gesprek met cliënten, medewerkers en bestuurders van de deelnemende organisaties.

Aan vrijwel elke tafel stelde de minister dezelfde vraag: “Wat heeft het programma Persoonsvolgende Zorg toegevoegd aan deze casus?” Uit de antwoorden blijkt dat de kern van de hervorming vooral zit in de goede samenwerking.

Bureau HHM monitort de resultaten van experiment door gesprekken te houden met cliënten en vragenlijsten uit te zetten. Het experiment startte op 1 januari 2017 en heeft een looptijd van twee jaar.

In Rotterdam loopt een soortgelijk experiment binnen de gehandicaptenzorg. Beide experimenten zijn een initiatief van het ministerie van VWS. Ook hier meet bureau HHM de resultaten op cliëntniveau. De NZa verricht voor beide regio’s een kwantitatieve monitor.

Meer weten over dit onderzoek?

Neem dan contact op met Maartje Hanning of Patrick Jansen, t. 053 433 05 48.

Meer lezen?

www.persoonsvolgendezorg.nl

Kwalitatieve monitor experiment persoonsvolgende zorg

Artikel – Dankzij persoonsvolgende zorg houden ouderen zelf regie – Zorg+Welzijn

Integrale inkoop Wmo en Jeugdhulp Twente

Vanaf 2019 kopen gemeenten in Twente de Wmo en Jeugdhulp integraal in. Ze gaan resultaatgericht werken en laten het productdenken achter zich. Daarmee krijgt de transformatie van het zorglandschap een flinke impuls. Albertus Laan is co-projectleider van het proces dat hiervoor wordt doorlopen.

Voor de integrale inkoop van de Wmo en de Jeugdhulp ontwikkelden de gemeenten het Twents Model. Dit model wordt gebruikt bij de toekenning van ondersteuning, maar vormt ook de basis voor de inkoop.



In het model worden vier soorten ondersteuningsbehoeften onderscheiden. Samen met de inwoner stelt de gemeente of verwijzer vast WELK RESULTAAT behaald moet worden en onder welke ondersteuningsbehoefte dit valt. Vervolgens wordt een inschatting gemaakt van de omvang en duur van de ondersteuning. Vermenigvuldigd met de prijs per ondersteuningsbehoefte bepaalt dit het budget dat een aanbieder krijgt om het resultaat te behalen. De aanbieder bepaalt met de inwoner HOE hieraan invulling wordt gegeven en krijgt dus veel vrijheid. Met het Twents Model kan ook consultatie en diagnostiek, verblijf en maatregelhulp worden ingezet. Dit zijn aparte modules.

Albertus: “De afgelopen maanden is enorm hard gewerkt. Het Twents model is getest door gemeentelijke toegangen. Ook zijn verwijzers geraadpleegd. Er is een kwaliteitskader ontwikkeld en een barrieremodel vastgesteld om frauduleuze aanbieders te weren. Vervolgens hebben gemeenten reële prijzen vastgesteld, op basis van de AMvB Wmo en marktconsultaties met aanbieders. Daarnaast is een inkoopstrategie uitgewerkt. Sinds 12 juni is de inschrijving voor de aanbesteding geopend. Aanbieders kunnen zich inschrijven tot 31 juli. De gunning is begin oktober. Ondertussen werken we volop door aan de voorbereiding van de implementatie van het Twents Model. De nieuwe werkwijze gaat immers op 1 januari 2019 in.”

Meer achtergrondinformatie?


Placemat integrale inkoop Wmo en Jeugdhulp.
Of neem contact op met Albertus Laan, t. 053 433 05 48.